Nieuw-Zeeland
Na ons bezoek aan Zuid-Amerika vlogen we door naar Nieuw-Zeeland, waar we ongeveer drie maanden verbleven. In dit persoonlijke dagboek-stijl reisverslag lees je hoe we liftten over het Noordereiland en het Zuidereiland, mooie hikes liepen zoals de Routeburn Track en Abel Tasman Coast Track, en soms onverwachte bijbaantjes deden om ons budget aan te vullen. Dit verslag is een eerlijke weergave van onze belevenissen — sommige details zijn gedateerd, maar de avonturen blijven tijdloos.
Aankomst, tijdsverschillen en reisroute
Wij kwamen dus van Zuid-Amerika af. Het tijdsverschil tussen Zuid-Amerika en Nieuw-Zeeland is een vreemde zaak. Als je op vrijdag 18.00 uur vertrekt en je vlucht 13.00 uur duurt, kom je pas op zaterdagavond 22.00 uur aan (30 uur), je mag hier dan weer het tijdsverschil vanaf trekken. In het meest vreemde geval vertrek je vandaag en kom je overmorgen pas aan. Dat alles heeft natuurlijk te maken met de datumgrens. Je bent dus ver van huis…

Een ander verschijnsel op het zuidelijk halfrond is dat de zon ’s middags in het noorden staat, logisch, maar toch. De Poolster zul je hier ’s avonds dus ook niet aan de hemel zien staan maar wel de tegenhanger; Crux ofwel the Southern Cross (Zuiderkruis). Deze groep sterren is o.a. terug te vinden op de vlaggen van Nieuw-Zeeland, Australië en Brazilië.
Grotere kaart weergeven
Auckland

Het is 22.00 uur en omdat het voor ons ritme 7.00h was waren we vrij wakker. Bij de douane werd mijn kaas en boter wat ik in het vliegtuig verzameld had, in beslag genomen vanwege mogelijke vreemde ziektes. We probeerden in een park bij het vliegveld wat te slapen maar omdat het steeds harder begon te regenen zijn we om 5.30 het vliegveld weer ingevlucht. Om 7.00h liften we de stad in om te kijken of we post op konden halen. We hadden snel een lift en werden midden in het centrum afgezet. Veel chique hoge gebouwen en dure winkels.
Verder is op zaterdag veel gesloten maar de Poste Restante gelukkig niet (email kenden we nog nauwelijks). Ik had drie brieven; Pa en Ma, Marcel en de buren. Na de fotorolletjes op de post gegooid te hebben en in een tweedehands zaak een gasbrander gekocht te hebben gingen we richting Wellington liften. Al vrij snel kregen we een lift naar Hamilton en vervolgens zijn op advies naar Taupo doorgelift.
Taupo
Je hebt hier gigantische bossen, thermaalbaden en de eerste thermische energiecentrale ter wereld. Ik zit nu in de tent aan een riviertje (wild camp), ben bekaf door de jetlag. De eerste indruk van N.Z. is goed. Erg schoon, vriendelijk en goedkoop. Het landschap was vandaag nog niet echt sensationeel.
Zondag 17-01-1993 Taupo 30 °C 15.00 uur | Vandaag zijn we maar overgegaan tot een rustdag. We staan wild te kamperen langs een riviertje. We zijn niet de enige, er staat nog een Nieuw-Zeelandse jongen waarvan we morgen een lift naar Wellington kunnen krijgen. De zon is erg heet maar de temperatuur nog geen 30 °C. Nieuw Zeeland ligt veel dichter bij de evenaar dan Europa. We houden ons bezig met wat slapen, zwemmen in het ijskoude water en wat schrijven. Het geld is op dus morgen moeten we eerst naar de bank.
Wellington, de hoofdstad van Nieuw-Zeeland
Dinsdag 19-01-1993 Wellington 20 °C 13.00 uur | Gisteren (maandag dus) hebben we de hele dag gelift (de beloofde lift ging niet door). We kregen één lift zo’n 250km naar Palmerston North. Van hieruit zijn we in korte stukjes naar Wellington gegaan. Tijdens een lift werden we op de thee uitgenodigd.

In Mana hebben we overnacht. Dit was een hel, we hadden de tent een beetje uit de wind langs het spoor gezet, maar de hele nacht door waaide onze tent half plat en bleven de treinen voorbij razen (we dachten dat dat hier ’s nachts wel rustig zou zijn). Ook Wellington was niet veel bijzonders, veel nieuwe en hoge gebouwen. We zitten nu op de boot naar het Zuidereiland te wachten. Die vertrekt om 16.00 uur en doet er 3 uur over. We hadden besloten gezien de naderende herfst eerst het koudere Zuidereiland aan te doen en daarna het Noordereiland.
Aankomst Zuidereiland – via Blenheim naar Christchurch
Woensdag 20-01-1993 Kaiepoi 19.00 uur | De boottocht was niet echt sensationeel maar wel lekker duur fl35,-. In Picton gingen we weer aan land, samen met tig andere backpackers. Na wat rond gelopen te hebben liepen we de stad uit op zoek naar een campingplaats. Dit viel goed tegen; of het was bewoond terrein of begroeide schuine hellingen. Ten einde rade onze duim maar opgestoken en verhip, er stopte een auto om ons vervolgens 30 km verder in Blenheim bij een camping gedropt te worden. De camping was wel duur maar dat kon na 5 dagen ook geen kwaad. Overigens Blenheim was een beter uitgangspositie om naar Christchurch te liften.
Zeehonden spotten bij Kaikoura
Met veel mazzel kregen we een lift via Kaikoura naar een voorstadje van Christchurch, ruim 300km. Onderweg zijn we nog bij een zeehondenkolonie gestopt bij Kaikoura. Op diverse plekken liggen kolonies op de rotsen zzoals bij het Harveys Head – Seals and Sea Lions en het Kaikōura Peninsula. We kamperen nu in het bos langs een rivier.


Lake Pukaki en Lake Tekapo
Donderdag 21-1-1993 | Na vanmorgen heerlijk ontbeten te hebben zijn we weer op pad gegaan. Het liften uit Christchurch ging moeilijk. Deze stad met 300.000 inwoners hebben we verder niet bezocht omdat alle steden en dorpen op elkaar lijken en niets bijzonders te bieden hebben.
Enfin, na 2,5 uur stijfkoppige (Engelse) types voorbij te hebben zien rijden kregen we een lift naar Geraldine vanwaar we vrij makkelijk door konden liften (met geluk) naar Lake Pukaki dat aan de voet van Mount Cook ligt; met 3766+ de hoogste berg van Nieuw-Zeeland.


Onderweg hebben we nog een tussenstop gemaakt bij Lake Tekapo. Het was allemaal heel anders dan ik me had voorgesteld, dacht ik aan dichtbeboste pittoreske meren en dorpjes, bleek het een ijskoude poel in een toendra-achtige vlakte te zijn waar gras en mos de overhand hebben. We werden op de afslag naar de Mount Cook gedropt waar ik dacht dat er een dorp moest zijn, maar we in feite op een soort Boliviaanse hoogvlakte staan. Kampeerstekkies genoeg! Na heerlijk goedkoop gekookt te hebben (kant en klare maaltijden uit blik voor fl0,80) , mijn rugzak weer eens gerepareerd te hebben duik ik nu m’n nest in.


Mount Cook National Park
Mount Cook National Park
Vrijdag 22-01-1993 Mt. Cook 18.00 uur | Het had de hele nacht licht geregend maar met de stevige wind en het zonnetje hadden we vanmorgen alles weer snel droog. Vervolgens gingen we dus op het T-kruispunt midden op de vlakte proberen te liften. We hadden weinig hoop, geen verkeer en wat er reed waren toeristen. Maar na zo’n 30 minuten stopte er toch een busje met was toeristen die een tracking van 4 dagen gingen doen, mazzel dus en wij waren in Mt. Cook.

Na de bagage op het toeristenbureau gedumpt te hebben, hebben we een drie uur durende bergwandeling gemaakt. Het weer was perfect al is de wind erg sterk. Er is hier een gratis kampeerterrein met voorzieningen. We liggen tussen de hoge bergen en gletsjers in het Interlaken van Nieuw-Zeeland. Morgen willen we een wat langere tocht maken.

De klim naar de Mueller Hut

Zaterdag 23-01-1993 Mt. Cook 18.00 uur | Mount Cook Village ligt op een hoogte van 762m. Vergelijk je het landschap met de Alpen dan zit de boomgrens ergens op 1500m, hier tref je op die hoogte al volop sneeuw aan. Vandaag zijn we om 9.54h op pad gegaan om een poging te doen de Mueller Hut op 1760m te bereiken. Of we helemaal naar boven sjouwden hing af van het uitzicht onderweg op de gletsjers en Ton zijn conditie. Dit was niet echt fantastisch dus zijn we naar de hut geklommen. Vooral het laatste stuk was mooi. Goed uitzicht op de gletsjers waar iedere keer vanaf de top lawines op neer donderden.




Mount Cook – Nieuw Zeeland
Mount Cook, in het Māori Aoraki, is met 3.724 meter de hoogste berg van Nieuw-Zeeland. De berg ligt in het Aoraki / Mount Cook National Park op het Zuidereiland en vormt het indrukwekkende hart van de Southern Alps. Jaarlijks valt er 150 meter sneeuw op de Mount Cook wat voor veel instabiliteit zorgt. Zo is er jaren terug een deel van de top afgeschoven. 40% van het Nationale Park Mount Cook is bedekt met gletsjers. Aan de andere zijde van de Southern Alps op het Zuidereiland valt zo’n 8 meter regen per jaar. De bergen houden de regen tegen hetgeen de grote hoeveelheid sneeuw verklaart. We zagen hier mooie eivormige wolken opstijgen, een lenticular wolk, hetgeen duid op grote verticale luchtstromen.

Het was de moeite waard al had Ton weer problemen het tempo bij te houden. Slechte schoenen en een zere knie waren dit keer de oorzaak. Ondanks een dikke laag zonnebrand factor 15 ben ik toch verbrand. Morgen maken we nog een trip en dan reizen we maandag verder.
Onder de brug slapen
Maandag 25-01-1993 Omarama | Gisteren hadden we nog een kleine wandeling door de Hooker Valley gemaakt en ons heerlijk in een openbare douche ontsmet. Vandaag zijn we weer doorgereisd.


Het weer is omgeslagen en met veel mazzel kregen we vanmorgen een lift naar Twizel. In Twizel hebben we vervolgens zo’n beetje de hele dag langs de weg gestaan. Voor vannacht is er 10cm regen voorspeld. Dit is de reden dat we voor het eerst onder een brug liggen. Vanmorgen zagen we al een tent 5m hoog de lucht in waaien en aangezien mijn tent zo lek als een zeef is en al snel door de wind platgedrukt wordt liggen we hier beter. Morgen willen we richting Dunedin gaan waar albatrossen en pinguïns zitten. Zojuist hebben we een heerlijke chili con carne op.

Op naar Dunedin en Green Island
Woensdag 27-01-1993 (14 °C) | Na heerlijk onder de brug geslapen te hebben gingen we weer langs de weg staan met de duim omhoog. Na één uur in de ijzige kou en vooral zeer sterk indringende wind gestaan te hebben en ongeveer 2 auto’s voorbij te hebben zien rijden zijn we maar in de bus gestapt, die ook nog eens erg goedkoop bleek te zijn. De bus ging door een lang kaal dal naar Oamaru (150km) gelegen aan de oostkust. Hier hebben we wat rondgelopen en daarna de bus naar Portobello op Green Island, een schiereiland bij Dunedin, gepakt.
Na wat gelopen te hebben door het erg koude, regenachtige en vooral winderige weer hebben we een oud huis opgezocht dat als hooischuur diende. In het hooi hebben we onze matrasjes uitgerold. Ton zijn wens eens tijdens de reis in het hooi te slapen ging dus in. Vanmorgen de boel ingepakt en door het bergachtige landschap met veel grasland en schapen richting kust gelopen om daar basaltkust, zeehonden en eventueel pinguïns te zien, maar het weer was te slecht (storm) om rustig naar de kust te sjouwen dus zijn we via een short-cut door de weilanden terug naar de hoofdweg gelopen.
Niet alleen mijn hele broek zat onder de modder, ook mijn schoenen en sokken waren weer eens nat. Ik ben er vooral achter gekomen dat Ton niet alleen bang is voor hele kleine beestjes maar ook voor grote beesten (koeien en paarden). Maar ondanks deze binnenweg hadden toch mooi de bus naar Dunedin gehaald en zijn vervolgens naar Gore in het binnenland gelift. Hier staan we op een echte camping met wasmachines, gasfornuis en echte warme douches. Alle kleren zitten nu in de was.
Te Anau in Fiordland National Park

Donderdag 28-01-1993 Te Anau 20.00 uur | Vandaag zijn we de dag eens lekker rustig begonnen; uitslapen, ontbijten met koffie, rustig het centrum ingewandeld, eten gekocht en weer terug naar de camping. We menen n.l. dat liften ’s middags makkelijker gaat. Mensen hebben ’s ochtends nog een hoop te doen en een slecht humeur. Na 3 heerlijke eieren met tomaat gebakken te hebben, hebben we de tent opgebroken en zijn we richting hoofdweg gelopen. We hadden de rugzak nog niet af of er stopte al een auto die ons halfweg bracht. De 2e lift was ook erg snel. We staan nu in Te Anau op een camping. Het is hier erg toeristisch. Te Anau ligt aan een gigantisch ondoordringbaar bos- en berglandschap met fjorden. Het weer is weer omgeslagen en het zonnetje schijnt weer bij 24 °C. Vandaag mezelf gewogen; 69 kg (-5kg).
Relaxen in Ten Anau
Zondag 31-01-1993 Mac Kenziehut | Na nog één nacht illegaal gekampeerd te hebben, hadden we een opossumhunter ontmoet. Hij kent de hele omgeving en zou ons zaterdag een rondvaart geven. Dit ging helaas niet door omdat er een noodgeval was waar hij stand-by voor moest zijn. Wel heeft hij op Ton’s verjaardag een heerlijke maaltijd voor ons gekookt. Ook zaterdag en zondag nog een nachtje illegaal gekampeerd. Vanmorgen hebben we na eerst een heerlijk ontbijt weggeslagen te hebben ons boeltje opgepakt en na een paar auto’s hadden we een lift naar Milford. We waren eigenlijk bang dat we helemaal geen lift zouden krijgen.
Milford Sound – spectaculaire kliffen
In Milford hadden we gelukkig goed weer. Hier valt 7,5m regen per jaar (!), in Holland slechts 0,8m. Het regent er dus zo’n beetje elke dag behalve vandaag. De westenwind komt van zee en lost het water op de zeer hoog steil uit zee oprijzende bergen (fjorden). Milford ligt aan een zeer mooie fjord en de Milford Track. Het is erg toeristisch.

Met een jet-boot hebben we een rondvaart gemaakt. De boot is erg snel (50km/u). We gingen langs watervallen op en rotswanden die 2x zo hoog zijn al het Empire State Building, recht uit zee. We zijn tot op de Tasman Zee gevaren waar nog wat zeehonden te zien waren.









Routeburn Track – 33 kilometer hiken
Nadat we een bak koffie genuttigd hadden kregen we al weer snel een lift naar het begin van de Routeburn Track. De Routeburn Track kun je in Google Earth bekijken door het onderstaande bestand te openen, ook streetview heeft het pad al toegevoegd. Het begin van de track loopt door regenwoud. Door de vele regen groeit hier overal mos, erg mooi. We zitten nu op een camping midden in de bush-bush bij de Lake MacKenzie Campsite, ver van de bewoonde wereld in de bergen waar geen wegen zijn. Morgen willen we (te voet) de pas oversteken (ongeveer +1200m) maar het weerbericht is niet best. Tot 500+ kan sneeuw vallen.
De Routeburn Track is de kortste weg van de Milford Sound naar Queenstown, met de auto moet je 170 km extra omrijden.




Sneeuw en regen op de Routeburn Track
Dinsdag 02-02-1993 Queenstown 15 °C | We hadden de nacht in de bergen bij de hut redelijk droog gehouden alhoewel het met 3 graden wel erg koud was. Nadat we de tent opgebroken hadden begon het te sneeuwen (natte sneeuw). Na ons goed ingepakt te hebben besloten we toch maar de pas over te steken, 300m hoger. Al snel veranderde het landschap in een witte skipiste. Een half uur hielden we onze voeten droog maar daarna waren ze al snel doorweekt nat terwijl het bleef sneeuwen. Ton verloor bijna zijn schoenzool die hij met touw moest repareren, het was weer vloeken en balen van zijn zijde, ik kon het leuke van dit winterweer in zomers Nieuw Zeeland nog wel inzien.






Op de top van de pas lag zeker 10cm sneeuw. Eenmaal de pas over verdween de sneeuw en kwam het zonnetje door. In een berghut Routeburn Falls Hut konden we bijkomen met een bak warme thee waarna we alleen nog maar bergaf hoefden. Het ging zelfs zo goed op natte schoenen dat we tot het eind van de track zijn doorgelopen. het eind van de track ligt echter nog 30km van de bewoonde wereld. Elke ochtend om 11uur komt hier een bus. We hadden de track in 1,5 dag gedaan. Toen er na 5 minuten 2 mensen uit het bos kwamen en in een auto stapten, vroegen we om een lift naar Queenstown, met succes. Dit scheelde ons fl 30,- buskosten en tijd.
Queenstown – avonturenhoofdstad
Queenstown is erg toeristisch maar er is niet veel te zien. Wel worden er vele tours georganiseerd, zoals bungee jumpen en jetboten maar allemaal erg duur. De Japanners vinden dat allemaal prachtig.


De West Coast Express
Wij willen nu langs de westkust omhoog richting Nelson. We hebben verschillende mogelijkheden onderzocht; 1 dag auto huren; te duur, liften; geen verkeer en slecht weer, totdat we de West Coast Express vonden. De West Coast Express is een oude hippiebus met dito busdriver in houthakkersbloes die in 5 dagen langs alle toeristische plekken aan de westkust rijdt en overal stopt voor maar fl100,- p.p.. De bus rijdt tot Nelson, morgenvroeg vertrekken we naar Fox Glacier waar we eerst de gletsjer bezoeken.

Fox Glacier – ijs tot in het dal
Woensdag 03-02-1993 | Vanmorgen zijn we al om 6.15 opgestaan, tent ingepakt en ontbeten. Om 8.15 werden we door de “Fun Bus” opgepikt die ons naar de West Coast Express bracht ergens bij Haast. Het was een Toyota-busje met aanhanger, gratis koffie, koekjes en lunch. We stopten bij leuke stekkies want het is toch ook een toeristenbus. De Haaspas was niet indrukwekkend maar het regenwoud aan de westzijde was prachtig. In Haast haalden we de West Coast Express in zodat we vandaag al om konden stappen in de oude bus, graffiti van buiten en hippiemuziek van binnen. We maakten wederom “Japanees stops” zoals hij dat noemde, even snel een foto schieten.


Verder hebben we een wandeling van de weg naar het strand gemaakt. 1,5 uur door regenwoud. Erg mooi, mooi strand maar weer geen pinguïns. We zijn nu in Fox Glacier. Het is licht bewolkt zodat we de bergen en de gletsjer niet goed zien. Vanavond gaan we naar het strand, zeehonden en dolfijnen kijken.
Lake Matheson
Donderdag, 04-02-1993 13.00h | Vanmorgen om 6.15 weer opgestaan om een bezoekje te brengen aan Lake Matheson.

Dit meer staat bekend om zijn spiegelreflectie van de bomen en de bergen. Helaas is meestal het weer slecht en zijn de bergtoppen niet te zien. Als dat wel is, dan meestal ’s ochtends. Vandaag was het wel bewolkt maar enkele toppen waren wel te zien. Na de wandeltocht om het meer hebben we een “bush”- wandeling gemaakt door het regenwoud, erg mooi.

Blackball – veel regen
Blackball – veel regen
Vrijdag 05-02-1993 18.00 uur | Het regende gisteren dus, welnu gisterenavond dus nog steeds en niet zo zachtjes ook. Na de hele dag in de kantine van de camping rondgehangen te hebben zijn we ’s avonds maar naar de pub gegaan. Zeiknat kwamen we aan. Het was wel gezellig.

Toen we om 12.00 uur terug gingen regende het nog steeds, en hard. Toen we weggingen stond de halve camping al blank maar toen we terugkwamen was het een groot zwembad. De meeste tenten waren al geëvacueerd en toen wij onze tent instapten hebben we ook maar de hele bende ingepakt en in de kantine uitgehangen. Hier lagen 7 kampeerders te slapen.
Toen we vanmorgen wakker werden regende het nog steeds. Er bleek binnen 24 uur 238mm (!) regen gevallen te zijn, dat is ¼ van wat er in Nederland in 1 heel jaar valt en hier vrij normaal is. Welcome tot the West Coast! Alhoewel veel wegen door aardverschuivingen en vallende stenen onbegaanbaar waren gaan we toch op pad.


Franz Josef Glacier
De eerste plaats die we vandaag aandeden was Franz Josef (Glacier). De gletsjer was door de bewolking slecht te zien. Vervolgens zijn we door getoerd naar Hokitika. Inmiddels scheen het zonnetje weer. Na Hokitika zijn we doorgereden naar Blackball. Dit is een oud mijnstadje waar de NZ eerste stakingen plaats vonden en de Labour Party opgericht is. Tevens is Blackball met ruim 650 inwoners het 6e grootste stadje van de West Coast. P.s. tussen Fox en Wanaka stonden 3 huizen (250km). De route die we vandaag afgelegd hebben ging door regenwoud.
Punakaiki – de Pancake Rocks
Punakaiki – Pancake Rocks
Maandag 08-02-1993 Appleby | Op z’n geschiedenis na was Blackball niets bijzonders. Ik had dan ook in het gastenboek Blackball als een verzameling lelijke oude huizen omschreven waar de trotse eigenaar van het hotel niet blij mee was. Van Blackball zijn we naar de Punakaiki gereden waar de Pancake Rocks zich bevonden. Erg mooi en door het hoog tij sprong het water hoog de lucht in.



De Pororari Valley
Daarna zijn we 1 km doorgereden naar de Pororari Valley met mooie palmen e.d. een nieuw nationaal park vormt. Het was trouwens schitterend weer. Sommigen gingen kanoën, maar wij kozen voor een wandeling. Na de wandeling gingen we barbecueën wat heerlijk was. ’s Avonds verbleven we in Westport. De kustweg er naar toe was prachtig. Van Westport zijn we zondag richting Nelson gegaan. Dit was niet veel bijzonders.




Appleby – te gast bij Ad en Annie
In Richmond stapten we uit om familie van Tosca Franken van Center Parcs op te zoeken. Ze had me hun adres gegeven en gezegd dat we zeker welkom zijn. En dat bleek ook. We werden netjes in het dorp opgehaald en konden in hun tuin kamperen. Ze hadden meer Nederlanders op bezoek en ’s avonds kregen we (weer) een barbecue. Ad en Annie (zo heten ze) hebben een dairy ofwel een combinatie van snackbar en supermarkt. Veel plaatselijke boeren komen er wat inkopen doen. Ze verkopen ook puur Hollandse producten. Ad heeft vandaag dus en aan alle boeren gevraagd of zij werk hadden. Misschien kunnen we maandag fruit gaan plukken bij een boer.


Vandaag zijn we naar Nelson gegaan. Nelson was een erg leuke stad. Deze streek heeft de meeste zonne-uren van Nieuw-Zeeland.
Woensdag 10-2-1993 Appleby | Gisteren hebben we niks bijzonders gedaan. We zijn naar het strand geweest. Het weer is nog steeds prachtig.

Abel Tasman Coast Track
Maandag kunnen we al aan het werk bij een appelboer. We kunnen er kamperen en waarschijnlijk hebben ze een huisje voor ons. Tot die tijd willen we hier niet vervelen maar gaan in naar het Abel Tasman National Park een hike lopen; de Abel Tasman Coast Track. Het schijnt (een van de ) mooiste te wezen en duurt 3 dagen.
Zaterdag 13-2-1993 Appleby | We zijn net terug van de track. De track begon prima. We hadden 3 liften nodig om bij het begin te komen en nog geen 5 minuten in het totaal hoeven wachten.

De eerste dag was niet echt spectaculair. Wel mooie stranden, maar de begroeiing was niet zo mooi als in het zuiden. Verder was de track erg simpel, vlak en toeristisch. Je kwam bejaarde mensen tegen die zich met een boot af lieten zetten om een stukje te wandelen. Dit geeft je niet echt het gevoel ver van de bewoonde wereld te zijn. De hut was redelijk gezellig en lag bij een inham die bij eb droogvalt. Aangezien er geen kookfaciliteiten waren moesten we op een vuur koken. Het weer was wel goed maar de prijs van de hut hetzelfde als de prijs van een tent dus in de hut en geen tent meeslepen.






Vrijdag was beter. De track was iets moeilijker en afwisselend. We moesten over stukken strand, door eb drooggevallen inhammen oversteken, door bos en tot je navel in het water met de rugzak op je hoofd omdat het vloed was. De hut waarin we overnachtten lag aan een prachtig strand, dat bij eb totaal droog viel en de inham was groter dan de vorige. De hele avond hebben we rond een vuurtje gezeten met 2 Israëlische, 2 Deense en een Duitser. Vandaag moesten we nog een klein stuk tot aan het eind. Maar omdat de bussen naar de bewoonde wereld zo duur waren besloten we de ongeveer 10km te lopen/liften. Al snel bleek dat er geen verkeer was en dat we ongeveer 35 km moesten lopen, maar na 1 uur, de 2e auto en die stopte.
Aan het werk, bramen plukken
Woensdag 17-2-1993 Appleby | Na de track hadden we naar het werk geïnformeerd. We moesten maandagmorgen om 8 uur beginnen met het plukken van bramen. We kregen 75 cent per kg, excl. belasting. Dus ik baalde aardig toen ik na 6 uur 25 kg had.

De accommodatie was redelijk, al sliepen we met 7 man in één hok. Dinsdag had ik 34 kg a 75 cent en 8 kg a 60 cent wat ongeveer fl27,- in 10 uur was. Om de moed maar niet direct op te geven en te kijken of m’n gemiddelde omhoog kan, probeerde ik het vandaag nog eens. Waarschijnlijk iets meer maar aangezien het gemiddelde van een goede plukker op 60 a 70 kg ligt wat niet meer is dan fl 45,- ben ik vastbesloten morgen mijn boeltje op te pakken en naar het Noordereiland te gaan. Misschien is daar beter betaald werk en zo niet dan maar de tickets veranderen en misschien bellen voor geld.
Ton baalt als een stekker, hij wil graag geld verdienen maar ook hij ziet in dat dit niet de manier is. Iedereen baalt trouwens. Ik heb nog maar $300,- en Ton $20,- NZ. However, morgen ga ik weer kamperen bij Ad en Annie totdat de post er is. Morgen krijgen we ook uitbetaald. Ton kijkt of hij nog 2 dagen kan werken en direct uitbetaald kan krijgen. Al met al hebben we samen in 4 weken zo’n US $550,- uitgegeven.
Terug in Appleby
Dinsdag 10 maart 1993 Mapua | We zitten nu vlak bij Mapua nog steeds op het Zuidereiland. Maar hoe zijn we hier terecht gekomen…
Bij het berryplukken hebben we de week netjes vol gemaakt, alhoewel ik vrijdagmiddag niet meer gedaan heb dan rond de batch liggen lamzakken. Ondanks dat Ton van Es wel doorwerkte had hij maar NZ$6,- meer verdiend. Ik had in 1 week NZ$130,-. Vrijdagavond hadden we al nieuw werk . Ad had zijn klanten voor jobs gevraagd en dus konden we ’s maandags bij een tuinderij de heggen gaan knippen voor zo’n NZ$6,70 per uur. We hebben hier flink gewerkt, 4 dagen. De vrouw van de eigenaar is Hollands.
Als we een week wachten konden we er ook wat appels plukken dus hadden we een week niets te doen. Vervolgens bood Ad ons aan zijn (erg grote) tuin op te knappen voor NZ$50,- p.p.. Aangezien we veel aan Ad te danken hebben en veel eten e.d. krijgen besloten we de tuin dan maar eens grondig onder handen te nemen ofwel 3 dagen flink zweten. Ad was later zo tevreden dat we het dubbele kregen. Daarna braken 3 dagen vervelen aan. We hingen een beetje rond Ad zijn huis, koffie drinken, zwemmen en tafeltennissen.
Bomen zagen
Zaterdags gingen we bij Henk, een Nederlander die eeuwig aan het bouwen is 2 dagen hout zagen. We moesten een paar flinke dode bomen plat leggen en kort zagen. Het was leuk werk, tractor rijden, koffie drinken en goed eten. Het was wel niet vet betaald maar in ieder geval iets. Het leuke was dat de buurman al na 2 uur zagen woedend kwam klagen over lawaai. We hadden hem flink uitgekafferd zodat hij met Henk wilde spreken. Weer flinke discussies waaruit ook bleek dat de kerk hier een flinke rol speelt in Nieuw Zeeland. Veel verschillende geloven wat botst.


Mapua – appels plukken
Na het weekend konden we bij een ander orchid appels gaan plukken tot het eind van het seizoen. Ook dit was weer door Ad geregeld. En daar zijn we nu dus; in Mapua. We slapen in een batch met zo’n 15 man. Het is niet zo gezellig maar het werk is beter. Gisteren begonnen we met het moeilijkste, geselecteerd plukken in hoge bomen en hadden 1,5 bit a $20,-.
Dat was dus niet slecht voor de eerste keer. Vandaag konden we ook strip-plukken, ofwel de boom leeg plukken en had ik 3,5 bit dus $70,-; veel dus. Als we gemiddeld iedere dag $50,- kunnen verdienen zitten we goed.


Zondag 28-3-1993 Mapua | We zijn nu al 3 weken aan het plukken. We balen ontzettend van het werk (werken in het algemeen wel). Degene die je de rijen aanwijst waar we moeten plukken heeft hier veel vriendjes werken die steeds de betere rijen kregen en wij dus de slechte bomen. Desondanks toch zo’n fl400,- in 2 weken verdiend. In de batch is het ongezellig. Het koelt ’s avonds sterk af zodat het hierbinnen goed koud wordt.
We kunnen nu wel kleren wassen en op tijd douchen. Mapua is een klein vissersdorp fraai gelegen aan een inham. Er is een erg gezellige pub op loopafstand en een supermarktje met postkantoor. Er wonen hier veel hippies en andere rare vogels. De golf post uit Holland is nu ook binnen. O.a. een zak drop van Olga. Fijn om weer regelmatig iets van thuis te horen.


We willen nu nog 2 weken blijven werken om vervolgens nog een weekje op het Noordereiland rond te zwerven en dan op naar Nieuw Caledonië als we het ticket kunnen veranderen. We hebben dan genoeg geld om een paar weekjes in Australië rond te trekken om daar dan werk te gaan zoeken. Donderdag hadden we eens meegemaakt hoe het er in de pub aan toe gaat als werklozen hun geld krijgen.
Donderdag 1-4-1993 Mapua | Na het ontvangen van onze cheque besloten we nog maar 1 week te blijven. Aangezien we dinsdag een regendag hadden was dit een mooie gelegenheid de vlucht naar Nieuw-Caledonie en Sydney naar voren te halen. Kosteloos. We vertrekken 16 april dus hebben nu nog 2 weken om naar Auckland te gaan. Helaas moeten we nu echt low-budget gaan reizen. We zijn nu alle kleren aan het wassen en restantjes eten aan het opmaken. We gaan dan naar Ad om vervolgens zondag met de boot naar het Noordereiland te gaan.
Op naar het Noordereiland
Dinsdag 6-4-1993 Wellington (regen) | Na donderdagavond nog eens goed uit geweest te zijn en nog even een geintje uitgehaald te hebben met het bordje op de WC deur, werd ik ’s ochtends gewekt door een ruzie die Ton hierover had met de Israëlische griet die verre van een gevoel voor humor had. Ze werd namelijk door iedereen uitgelachen dat ze zich aan het bordje geërgerd had en zich hier over beklaagd had bij de baas. Maar goed, Ton zat haar al scheldend in zijn onderbroek achterna waarna we ze ook niet meer gezien hadden.
Vrijdag ‘s avonds hadden we de boel ingepakt en zijn we weer naar Ad vertrokken. Onze bedoeling was zondag daar te vertrekken maar door slecht weer en weinig verkeer zijn we er op maandag maar vandoor gegaan. We hebben twee dagen bij Ad liggen vervelen want die moest het weekend werken. Met veel moeite zijn we ’s maandags naar Picton gelift. Vlak voor het donker stonden we in Havelock om vervolgens door een auto opgepikt te worden die uit de richting Picton kwam. We gingen namelijk via Blenheim. Vervolgens bleek dat de eerste ferry pas om 22.30 vertrok dus waren we om 2.00 ’s ochtends goed en wel in Wellington. De rest van de nacht hebben we maar voor een kerk tegenover het parlementsgebouw doorgebracht. Aangezien we vanavond bij Charles (uit Buenos Aires) langs willen gaan hangen we nu al de hele dag in de stad rond.
Zondagavond hadden we nog eens goed thuis gegeten. Ad moest er wel 25 km voor op en neer rijden maar goed.
Living trucks
Goede Vrijdag 9-4-1993 Rotorua (regen/onweer) | We dachten dus even bij Charles langs te gaan in Wellington, maar wat bleek, hij woonde ruim 100km buiten Wellington in Carterton. Dit plaatjes lag wel op de route maar om ons even op te pikken …. We hebben toen maar de trein naar Upper Hutt gepakt wat nog zo’n 75km van hem af is en hem toen opgebeld.

Het was al donker dus verder liften ging niet meer en de trein was te duur. We moesten 1,5 uur wachten voordat Charles er was. De weg naar Carterton is erg mooi maar omdat het donker was kregen we hier niet veel van mee. Charles had een erg oud model VW busje, omgebouwd tot een soort camper als vervoer en hij woonde in een “living truck” ofwel een vrachtwagen met daarop een huisje getimmerd. Deze living truck stond ergens flink achteraf langs een beekje geparkeerd; geen elektriciteit, telefoon of waterleiding. Erg primitief maar wel leuk. Wij sliepen in de schuur van de buurman die net zoveel voorzieningen had. Het ergste was de koude douche.
Woensdag | Eerst een flink uitgeslapen tot 11.30 na de beroerde nacht in Wellington. We hebben de hele dag een beetje in z’n truck zitten lezen. Nadat Charles goed voor ons gekookt had zijn we met een stel wat wezen drinken.
Hastings en Napier
Donderdag: Na een ontbijtje zijn we ’s ochtends voor acht uur door Charles op de weg naar Napier gedropt. Na een paar snelle liften waren we al via Woodville in Hastings. Hier hebben we wat rondgelopen en zoals elke NZ’se stad niet echt bijzonder. Wederom zijn we na 2 snelle liften naar Napier gegaan. Dit was wel een leuk stadje. Een aardige boulevard aan zee en een mooie winkelpromenade. Van Napier uit wilden we eigenlijk via Wairoa naar Rotorua gaan maar omdat we hoorden dat deze weg grotendeels onverhard met weinig verkeer is besloten we maar via Taupo naar Rotorua te gaan.
Diezelfde dag kregen we rond 15.30h een lift naar Taupo. De weg was schitterend. Erg veel “native”bos ofwel oorspronkelijk bos want hier groeien honderden vierkante kilometers bos voor de houtindustrie (aangelegd bos dus). Aangezien we al eerder in Taupo geweest zijn , zijn we weer op ons oude bekende stekkie gaan kamperen. Balen dat het al om 18.30 donker was, we lagen dus vroeg op bed.
Rotorua – thermische activiteiten en Maori cultuur
Vrijdag: Om een uur of 9.30 richting Rotorua proberen te liften. Alles zat tegen. Geen goede liftspot te vinden, veel andere lifters en veel vakantieverkeer (volle auto’s) op de weg. Om 12.00 hadden we nog geen lift en besloten we maar een bakkie koffie te gaan drinken. Toen we al liftend terug liepen richting een liftspot kregen we een lift halverwege en snel een 2e tot Rotorua. Ook deze weg was erg mooi. Wel veel aangelegd bos. De laatste 30km waren overal al de thermische activiteiten van dit gebied te zien. Veel borrelende meertjes en modderpoelen langs de weg. Door de zwavel stinkt Rotorua overal naar rotte eieren. Overal borrelt de grond. Zo ook op de camping waar we vloerverwarming hebben. Achter onze tent borrelt het water in een sloot.



Er zijn hier fantastische geisers waarvan we er morgen enkele willen bezoeken. Vanavond zijn we even de stad ingelopen om wat te eten. Toen we er eenmaal waren begon het ontzettend te regenen en onweren. Alle straten stonden blank en ook wij hielden onze kleren niet echt droog toen we naar de camping terug liepen. Maar hopen dat we het vanavond een beetje droog kunnen houden.

Whakarewarewa Thermal Reserve
Zondag 11-4-1993 Rotorua 19.00h | En zeker houden we het ’s nachts droog, al vielen er nog wel wat buitjes. Gisterenmorgen zijn we te voet op pad gegaan. Eerst door het park gelopen met de kokende vijvers en modder. Via het centrum zijn we daarna naar het Whakarewarewa Thermal Reserve gegaan. Dit park bevat o.a. veel Maori cultuur waaronder een dorp. Verder was de zeldzame kiwivogel te bewonderen.




Maar het meest indrukwekkend was wel de Pokutei Geisers. Deze Geiser kan wel 30m hoog spuiten. Toen wij er waren spoot hij zo’n 15m.
Wat ook erg mooi was, waren alle houten beelden van de Maori’s. Daarna zijn we nog op een soort braderie wezen kijken in het centrum en hebben we 12 noodle maaltijden a fl 0,20 per stuk gekocht.






Vandaag was het prachtig weer. We zijn even de stad ingelopen maar verder hebben we maar wat liggen vervelen. We balen ervan dat we weinig geld hebben en alles low-budget moeten doen. Er zijn zat dingen te zien en te doen maar overal hangt een fors prijskaartje aan. Morgen vertrekken we richting Tauranga. Een nadeel van het mooie zonnige weer is dat het ’s avonds nogal fors afkoelt tot een graad of 5, maar ja, we hebben een verwarmde ondergrond.
Tauranga

Tauranga 13-4-1993 Dinsdag 13.00 zonnig | Gisteren moeizaam richting Tauranga gelift. Omdat het Paasmaandag was, was er veel “weekendvakantietoeristenuitstapjesverkeer” op de weg, ofwel volle auto’s. In Tauranga hebben we het Nieuw-Zeelands / Engels stel opgebeld die in Posadas (Argentinië) hebben ontmoet. Toevallig waren ze thuis en konden we er overnachten en mee eten. Vanmorgen zijn we met de vader van Jenny op pad gegaan om in een getijdegebied een jachthut / platform te timmeren zodat hij daar eenden kan gaan schieten. Dat viel niet mee want we stonden tot aan de knieën in de modder, een soort wadlopen dus. Vanmiddag gaan we met Jenny en Gary op pad. Morgen gaan we naar Auckland om daar 2 nachten te kamperen.
Mount Maunganui

17.30 Vanmiddag zijn naar Mt. Maunganui gegaan. Mt. Maunganui is een plaatsje wat op een landtong ligt aan een baai. Aan het eind van de landtong ligt een oude vulkaan van zo’n 232m hoog die we beklommen hebben. Op de top hadden we prachtig uitzicht. Het plaatsje is ook erg mooi. Een prachtig strand met hoge golven en surfers.
16-4-1993 Auckland Airport | Woensdag, na 3 uurtjes wachten en een bak koffie bezorgd door Jenny’s vader kregen we dan toch een gezellige lift direct naar een camping in Auckland. We hadden een dure camping, zonder TV room dus vroeg naar bed.
Donderdag hebben we de hele dag in Auckland rond geslenterd. Een nieuwe handdoek gekocht en 2 CD’tjes die hier erg goedkoop waren. Eén CD van Canned Heat, zal me met het nummer “Back on the road again” aan de West Coast Express herinneren. We hebben op de Chinese Markt gegeten en zijn toen terug gelopen. We zitten nu op het vliegveld te wachten voor de vlucht naar Nouméa, de hoofdstad van Nieuw Caledonië.
Meer Australië en Oceanië:
Meer Australië / Oceanië: Australië | Nieuw-Zeeland | Nieuw-Caledonië