Hanoi in Noord-Vietnam: de beste tips
Hanoi, de levendige hoofdstad van Noord-Vietnam, is een stad van meren, tempels, eindeloze scooters en heerlijk streetfood. In dit reisverslag neem ik je in drie dagen mee langs de belangrijkste bezienswaardigheden van Hanoi: van het Hoàn Kiếm-meer en het Old Quarter tot Beer Street, de Đồng Xuân-markt, een fietstour langs tempels en de indrukwekkende Long Biên Bridge. Onderweg proef je bánh mì, bezoek je een traditionele waterpoppenshow en ontdek je hoe chaotisch, maar verrassend relaxed, fietsen in Hanoi kan zijn.



Onze reis
In het voorjaar van 2023 bezochten wij Noord-Vietnam. Vanuit de stad Hanoi maakten we diverse meerdaagse uitstapjes naar Halong Bay, Ninh Bình en de Thác Bản Giốc-watervallen aan de Chinese grens. In dit reisverslag neem ik jullie mee in hoe wij de reis ervaren hebben. We hadden de vlucht via Qatar Airways geboekt, met een stopover in Doha (Qatar). Van Amsterdam naar Doha duurde de vlucht 6,5 uur en van Doha naar Hanoi ruim 7 uur. Op de terugweg duurde de stopover 19 uur, zodat wij Doha konden bezoeken.
De eerste indrukken
Boven op het dak van ons hotel is een zwembad. Bij aankomst gaan we daar dus eerst even kijken, op de 9e verdieping, waar we uitzicht hebben over de stad. Beneden ons horen we het vele getoeter van het verkeer in de smalle straatjes. Daarna stappen we zelf de drukte in en lopen we een blokje om, waarna we op het dakterras van een restaurantje neerstrijken voor de eerste loempia’s (spring rolls). Vervolgens lopen we verder richting het Hoàn Kiếm-meer.

Scooters
Het “probleem” van Hanoi zijn de honderdduizenden scooters. Die worden overal geparkeerd, vaak gewoon midden op het trottoir. Daardoor is het bijna onmogelijk om netjes over de stoep te lopen en belanden we regelmatig in de goot of op de straat. Oversteken is al helemaal een uitdaging: zet een stap op de weg, zoek voortdurend oogcontact en loop dan rustig door…
Hoàn Kiếm-meer
Als we in de buurt van het Hoàn Kiếm-meer komen, is het trottoir breder en staan er minder scooters, waardoor we hier rustig kunnen wandelen. Rondom het meer is van alles te zien: er is muziek, er wordt op straat gedanst en een groot deel is als park ingericht. Op een eilandje staat de kleine Ngọc Sơn-tempel, die we bezoeken. Via een knalrode brug komen we—na de entree te hebben betaald—bij de tempel. Midden op het meer staat nog een klein tempeltje op een eilandje: de Tháp Rùa, oftewel Turtle Tower.
We lopen om het meer heen en steken bij het Lý Thái Tổ Monument even de weg over—wat op zich al een avontuur is. Stoppen voor een zebrapad kennen ze niet, en oversteken bij een stoplicht geeft ook geen 100% garantie op een veilige overtocht. Vooral oogcontact, lachen en gebaren zorgen ervoor dat scooterrijders afremmen of om je heen rijden, zodat we veilig bij het monument uitkomen en een rondje door dit parkje lopen, voordat we weer terug naar het meer gaan. Aan de andere zijde van het meer danst een groep van zo’n dertig mannen en vrouwen op muziek, alsof ze samen een soort gymnastiekoefening doen.
Beer Street


Iedereen die in Hanoi komt, moet er een keer doorheen lopen: Beer Street. Wij liepen terug het Old Quarter in en kwamen bij Beer Street uit. Het is een straat zonder verkeer, met alleen maar restaurantjes en bars. Harde muziek, felle lampjes en overal kleine plastic stoeltjes op straat. Om de drie meter word je aangesproken of je wilt komen eten, en uiteindelijk happen we toe en nemen plaats op zo’n klein, plastic kinderstoeltje. We bestellen wat te eten en natuurlijk ook een Vietnamees biertje. Vanaf die stoeltjes kunnen we heerlijk mensen kijken.
De volgende dag
Omdat we nog een beetje last hebben van een jetlag, doen we het in de ochtend rustig aan. We genieten van ons ontbijt, met allerlei voor ons onbekende dingen op het buffet. Daarna lopen we de stad weer in.
Đồng Xuân-markt
Even ten noorden van Beer Street bevindt zich een wijk met veel handelswaar. Altijd leuk, dus lopen we die kant op. We dwalen wat rond en komen bij de Đồng Xuân-markthal. Er staan talloze kraampjes met duizenden petten, slippers, T-shirts, enzovoort. Er zat voor ons niets tussen, dus lopen we aan de achterzijde weer eruit, waar een aantal kraampjes staat met groente en fruit. Heerlijk kleurrijk en fotogeniek, zoals markten eigenlijk altijd zijn.
En zo slenteren we door dit stadsdeel, waarna we ons opmaken voor een georganiseerde fietstour door de stad. Uitdagend in dit verkeer, zullen we maar zeggen.
Fietsen in Hanoi
In Nederland had ik de fietstocht al geboekt via Baja Bikes. Het is inmiddels een traditie dat we in elke stad gaan fietsen, maar fietsen in Hanoi? We melden ons bij Friends Travel Vietnam, die de tour verzorgt. De groep bestaat uit vijf Nederlanders en daarnaast twee Engelstalige reizigers: een Australiër en een Amerikaan.
We fietsen door het Old Quarter en gedragen ons gewoon als scooterrijders: voorrang geven én voorrang nemen. Het lukt prima; iedereen is toch wel voorzichtig, al lijkt het één grote chaos.
Bà Đá-pagode
Na een hoop geslinger komen we uit bij de Bà Đá-pagode. Hier wordt door een grote groep vrouwen intens gebeden. Het is indrukwekkend en mooi om te zien. Onze gids geeft de nodige uitleg over wat er allemaal te zien is.

Sint-Jozefkathedraal en een Lourdesgrot
Na de tempel fietsen we de hoek om en wanen we ons ineens in een Franse stad. Daar staat zomaar een kathedraal met een Europees uiterlijk. Dat verraadt meteen de aanwezigheid van de Fransen hier vroeger. We kunnen niet naar binnen, maar wandelen wel om de kathedraal heen. Aan de achterzijde is er zowaar een complete Lourdesgrot gebouwd—iets wat je niet direct verwacht in Zuidoost-Azië.

Train Street | Hanoi
Eén van de “tourist hotspots” is Train Street—oftewel één grote teleurstelling, want de straat is afgesloten op straffe van een boete van 500.000 dong. Er zijn wel trucjes om toch de straat in te komen en een terrasje te pakken, maar dan zit je in een (bijna) lege straat en is de sfeer van de drukke straat met ineens een trein toch weg. Wij fietsen dus door.

Ho Chi Minh Mausoleum en het Presidentiële Paleis | Hanoi
Via de drukke Điện Biên Phủ—een boulevard, zullen we maar zeggen—fietsen we langs Lenin Garden, het Militair Historisch Museum en de Vlaggentoren, om uiteindelijk bij het grote plein van het Ho Chi Minh Mausoleum uit te komen. We bezoeken de plek niet, omdat er allerlei regels zijn wat betreft kleding en gedrag. We mogen zelfs niet met de fiets stoppen bij het plein, vanwege de voorschriften. Tegenover het museum bevindt zich ook de Vietnam National Assembly, het gebouw waar veel belangrijke vergaderingen worden gehouden.

Ho Chi Minh
Ho Chi Minh was een invloedrijke Vietnamese revolutionair en politicus. Geboren in 1890 als Nguyen Sinh Cung, nam hij later de naam Ho Chi Minh aan. Hij streed tegen de Franse koloniale overheersing en leidde de Viet Minh, een communistische verzetsbeweging. Na de Eerste Indochina-oorlog resulteerde het Akkoord van Genève in 1954 in de tijdelijke deling van Vietnam in Noord en Zuid. Ho Chi Minh werd president van Noord-Vietnam en bleef een symbool van anti-imperialistisch verzet. Hij leidde het communistische Noorden tijdens de Vietnamoorlog tegen de Verenigde Staten en hun bondgenoten. Ho Chi Minh stierf in 1969, maar bleef een icoon van de Vietnamese onafhankelijkheidsstrijd.
Wij trappen dus rustig door en passeren het Presidentiële Paleis met de grote goudkleurige poort. We slaan rechtsaf en komen via een mooie, met bomen gesierde straat uit bij de Noordpoort. Hier moet, aldus de gids, een “liefdesfoto” gemaakt worden. Dat wordt dus even poseren.

De Long Biên Bridge | Hanoi

We fietsen verder richting de Rode Rivier en moeten even klimmen als we de toerit van de Long Biên Bridge bereiken. Op het eerste gezicht is het een gedrocht van een brug: een hoop roestig staal. De Long Biên Bridge is een spoorbrug met aan weerszijden fietspaden waar weer honderden scooters overheen rijden—wij dus ook, maar dan op de fiets. De in 1899 gebouwde Long Biên Bridge was destijds met 1.680 meter de langste brug van Indochina. Van dichtbij zie je dat goed, en als je nagaat hoe dit ruim honderd jaar geleden gebouwd moet zijn, kijk je er toch anders naar. Het ontwerp wordt vaak aan Gustave Eiffel gelinkt—jawel, die van de Eiffeltoren. In de Vietnamoorlog raakte de brug beschadigd, maar daarna werd hij weer hersteld. Nu rijdt er sporadisch nog een trein over, stapvoets.

Hierna fietsen we verder de brug over. Aan de overzijde is eigenlijk niet heel veel bijzonders te zien. We lunchen bij een restaurantje en fietsen daarna over dezelfde brug weer terug. Als we bijna aan de overzijde zijn, kunnen we via een steile baan de brug af, zodat we in de uiterwaarden terechtkomen en tussen bananenbomen en akkers verder fietsen.
Niet veel later komen we weer in de stad uit, waar we via de stadspoort Ô Quan Chưởng weer het Old Quarter in fietsen. We slingeren nog wat door de wijk, waarna we weer bij het beginpunt uitkomen. Fietsen in Hanoi ging eigenlijk best goed 😉
Bánh mì eten


Even geen zin in noodles of rijst? Probeer dan eens bánh mì. Bánh mì is een heerlijk Vietnamees sandwichgerecht: een knapperig, baguette-achtig broodje gevuld met verschillende ingrediënten. De vulling kan variëren, maar typische keuzes zijn gegrild vlees (zoals varkensvlees, rundvlees, kip of worst), aangevuld met ingelegde groenten, verse kruiden en sauzen zoals mayonaise en vissaus. Bánh mì is een populaire en smakelijke streetfoodoptie in Hanoi en wordt ook in veel andere delen van Vietnam gegeten. Wij aten het broodje op de typische krukjes, vlak bij het Thăng Long Water Puppet Theater.

Thăng Long Water Puppet Theater | Hanoi
Na ons broodje begeven we ons naar het Thăng Long Water Puppet Theater, een “must visit” als je Hanoi bezoekt. Dit theater is wereldberoemd om zijn traditionele waterpoppenshows. Oorspronkelijk ontstaan op het Vietnamese platteland, biedt het een levendige voorstelling waarin met stokken bediende marionetten op het wateroppervlak dansen, zingen en verhalen vertellen uit de Vietnamese geschiedenis en folklore. De voorstelling wordt begeleid door traditionele muziek en duurt ongeveer een uur. Vooraf reserveren is wel aan te raden (en vaak noodzakelijk).
Het theater ligt in het Old Quarter van Hanoi, vlak bij het Hoàn Kiếm-meer en de tempel.


Night Market Hàng Đào
Na de poppenshow slenteren we nog langs het water. Er wordt weer gedanst op straat, waarna we de autoluwe Hàng Đào-straat inlopen waar een night market plaatsvindt. Er worden vooral prulletjes verkocht, dus we gaan met lege handen weer terug naar het hotel.

Naar de kapper
Onze laatste dag in Hanoi besteden we aan wat rondwandelen en een museum. We starten in de buurt van Beer Street, waar ik voor de afwisseling eens naar de kapper ga. Gezien mijn kapsel was ik al ruim twintig jaar niet meer bij een kapper geweest, en nu werd ik voor vijf euro door drie man in de watten gelegd. Wassen, knippen, massage en drogen namen zeker een uur in beslag.



West Lake (Hồ Tây) en de Trấn Quốc-pagode
Fris geknipt wandelen we richting het Ho Chi Minh Mausoleum, passeren we musea en de Hoàng Thành Thăng Long-citadel, en komen uiteindelijk uit bij West Lake (Hồ Tây). In dit meer belandde oud-politicus en senator John McCain uit de VS tijdens de Vietnamoorlog met zijn parachute, nadat zijn vliegtuig was neergeschoten. Een monument aan de oever herinnert aan deze gebeurtenis. Op een eilandje in het meer staat een prachtige pagode.

Maison Centrale (Hỏa Lò Prison Relic) – “Hanoi Hilton”

Als laatste bezoeken we Maison Centrale, oftewel Hỏa Lò Prison Relic (ook wel “Hanoi Hilton” genoemd): de gevangenis die door de Fransen werd gebouwd tijdens de koloniale bezetting. Voor deze zwarte bladzijde—met alle wreedheden—mag je de ogen niet sluiten. Via onthutsende kamers, martelwerktuigen, een guillotine en vele andere objecten wordt een kil beeld geschetst van de gevangenis in deze periode.

Nadat de Fransen verdreven waren, namen de Vietnamezen zelf de gevangenis in gebruik en werd deze berucht tijdens de Vietnamoorlog. Gevangen genomen Amerikaanse soldaten werden er opgesloten en volgens de museumpresentatie goed behandeld. Ook dit perspectief—en de boodschap van verzoening—wordt netjes in beeld gebracht.

Na ons bezoek aan het museum slenteren we nog wat door de stad en scoren we nog wat souvenirs.
De nón lá
De nón lá is de traditionele Vietnamese hoed en een sterk cultureel symbool. Hij is kegelvormig en wordt met de hand gemaakt van palmbladeren en bamboe. Al eeuwenlang beschermt de nón lá mensen tegen felle zon en tropische regen. De hoed wordt gedragen door boeren, verkopers en vrouwen in traditionele kleding. Naast het praktische gebruik staat de nón lá ook voor eenvoud, elegantie en het dagelijkse leven in Vietnam. De hoed verschijnt vaak in kunst, poëzie en toeristische beelden van de Vietnamese cultuur.




Meer Vietnam:
Cúc Phương NP – Tràng An – Halong Bay – Thác Bản Giốc-waterval en Ba Bể-meer

















