Calvi en de Balagne: Bezienswaardigheden, Stranden & Reistips
Calvi en de Balagne vormen een schitterend gebied in het noordwesten van Corsica, waar de azuurblauwe zee harmonieus overloopt in ruige bergen en charmante bergdorpjes. Wandel door de smalle straatjes van de Genueese citadel van Calvi, ontspan op uitgestrekte witte zandstranden en ontdek pittoreske dorpen in het achterland. Of je nu op zoek bent naar avontuur, cultuur of rust — deze streek biedt het beste van Corsica in één reis.
Alle informatie in dit reisverslag komt uit eigen hand. We beginnen onze tocht door de Balange in Galéria in het zuidwesten van de streek.
Inhoudsopgave
- Galéria en de Fango rivier
- De kustroute Galéria – Calvi
- Calvi, de stad met de citadel
- De omgeving van Calvi
- La Forêt de Bonifatu en Chaos de Bocca Rezza
- Lumio, de kuststrook ten oosten van Calvi
- L’Île-Rousse en de stranden
- Rondrit langs dorpjes in de Balagne
- Plage de Ostriconi
Galéria en de Fango rivier
Galéria is een zeer relaxt dorpje gelegen aan een baai met grof zand. Er staat een eettentje aan de rand van het strand en de koeien lopen vrij over het strand langs het water. Parkeerproblemen hebben wij niet ervaren.

De Fango Delta
Rijden we Galéria uit dan zien we links een camperplaats waar we parkeren. Er staat hier een boom scheef met de windrichting mee is gegroeid. Enorme golven beuken op de rotsen en spatten het water omhoog. Het is een prachtig spektakel. We lopen langs een oude vervallen Genueese toren op en komen uit bij het uitzichtpunt uit over het grote kiezelstrand. De kiezels worden onafgebroken heen en weer geslingerd in de branding. Hier zwemmen is niet aan te raden.




Achter het kiezelstrand bevindt zich de Fango Delta. Hier kun je kanotochtjes maken en schildpadden en bijzondere vogels spotten.

Tijdens de kanotocht moeten we muisstil zijn om de natuur niet te verstoren. Uiteindelijk zien we twee schildpadjes.

Het Fangodal
Na ons bezoek aan Galéria rijden we nog even het Fangodal in. Hoge bergen doemen op in het bosrijke landschap. Op veel plekken kun je in de rivier zwemmen of van de rotsen springen. Bij de Ponte Vecchio nemen we een duik in de rivier.

Manso – Fango dal
We rijden verder het Fango dal in, passeren Tuvarelli en zien dat er nog veel meer mooie plekken zijn om te zwemmen. Bij Manso ligt een mooie oude brug met drie bogen.

De kustroute Galéria – Calvi
Vanuit Galéria volgen we de kustroute naar het noorden, de D81B. Het is een prachtige route met schitterende uitzichten, afgronden en ruige rotspartijen.
Argentella, ruïnes en kiezelstranden
Als eerste komen we in Argentella uit en gaan na het bruggetje in de bocht naar de ruïne van de oude zilvermijn. Het is een indrukwekkend oud industrielandschap. Hogerop ligt ook nog een stuwmeertje.

Strand van Crovani
Bij het strand van Crovani stoppen we even. Dit is het mooiste kiezelstrand van Corsica. Prachtig al die rond geslepen kiezels en die mooie kleuren. Zwemmen lijkt me onmogelijk omdat je het water nauwelijks uitkomt, er was ook een behoorlijke golfslag.



Château du Prince Pierre Bonaparte
We rijden weer verder en passeren het oude Kasteel van Prins Pierre Bonaparte, een neef van Napoleon. We stoppen bij het gezellige café’tje Le Prince Pierre en drinken er wat.

Revellata schiereiland

Verder naar het noorden wordt het landschap nogmaals spectaculair mooi. Aan de linkerhand zien we het schiereiland van Revellata. Hier zijn we naar de vuurtoren gewandeld en konden we even flink uitwaaien. Het schiereiland is ook een populair duikgebied, tijdens één van mijn duiktrips zag ik hier enorme baarzen, barracuda’s en morenen.

Chapelle Notre-Dame-de-la-Serra
Vlak voordat we Calvi inrijden, bezoeken we eerst nog het kerkje Notre Dame de la Serra. Indrukwekkend zijn de vele gedenkplaatjes van vooral jonge overleden personen. Notre Dame waakt over de stad Calvi.

Vanaf de kapel heb je een fantastisch uitzicht over de baai van Calvi.

Calvi, de stad met de citadel
Calvi, de stad de citadel en de stad Columbus (niet bewezen) is een mooie plaats om te bezoeken. Natuurlijk slenteren we even door de oude smalle straatjes van de citadel.

Hier vind je restanten van het oude geboortehuis van Christoffel Columbus gemarkeerd door een plaquette. Erg indrukwekkend hoe hoog de muren zijn. In de smalle straatjes van Calvi vind je vele leuke kleine winkeltjes, in de hogerop gelegen hoofdstraat zijn wat banken en minder toeristische winkels te vinden. Een wandeling langs de haven met zijn vele restaurantjes is ook een must. Hier kun je in alle smaken eten, boten kijken en naar de flanerende mensen loeren.

In Calvi hoef je je ook zeker niet te vervelen. Lopend door de haven zie je dat er tal van activiteiten worden aangeboden. Zo kun je er scooters, auto’s en boten huren. Er zijn diverse bedrijfjes die je mee willen nemen naar de onderwaterwereld rond Calvi door bijvoorbeeld te gaan snorkelen op een mooie plek, een proefduik maken (tot ca. 6m diepte) of een gewone duikexcursie als je in het bezit bent van een duikbrevet. Verder wordt er stevig reclame gemaakt om deel te nemen aan een Promenade en Mer ofwel een boottocht. De firma Colombo Line biedt tochten op verschillende boten aan naar o.a. Punta Revelatta, Scandola en zelfs een dagtocht naar Ajaccio. Wij gingen met de grote catamaran naar Scandola en Girolata.


De omgeving van Calvi
In de directe omgeving van Calvi kun je leuke uitstapjes maken en dorpjes bezoeken.
Calenzana

Een dikke 10 kilometer ten zuiden van Calvi ligt Calenzana. Het is een redelijk groot dorp met een paar winkeltjes en een aantal terrasjes. Bijzonder mooi is de Église Saint Blaise in het centrum en de tegenover gelegen kapel/kerk (naam onbekend). Verder is er een groot door palmbomen gesierd plein met een echte Hotel de Ville. Wat Calenzana een levendig stadje maakt is dat het start dan wel eindpunt is van de beroemde wandelroute de GR20. Backpackers komen en gaan. Opmerkelijk is de geschiedenis van het stadje dat in 1732 een aanval van een 800 koppig Italiaans zwaar bewapend leger afsloeg door o.a. bijenkorven naar beden te gooien en de soldaten vervolgens te doden.


GR20 – Grand Route 20
Door heel Frankrijk slingeren Grand Routes met een nummer. Een overzicht ervan vind je HIER. De GR20 is wel één van de beroemdste. In Calenzana start deze beroemde en pittige 200km lange wandelroute dwars door de bergen richting Porto Vecchio. In 16 etappes voert de route je dwars door de hoge bergen van hut (réfuge) naar hut. De wandelroute staat bekend als één van de mooiste op aarde. Een goede conditie is zeker vereist

Montemaggiore
Rijdt je vanaf Calenzana verder over de D151 dan kom je via Zillia en Cassano uit in Montemaggiore. In dit dorpje is eigenlijk niks te beleven, 1 restaurantje en thats it; maar het is prachtig gelegen op een rotspunt zodat je bijna rondom uit uitzicht hebt over de vallei en de zee. Het barst er in de smalle met vele bloemen en decoratiespullen opgesierde straatjes van de katten. Loop je naar de punt van de rots dan kom je bij een ruïne uit waar het uitzicht het mooiste is.



Je voelt je erg nietig als je tegen de hoge bergen aankijkt en de diepte van de vallei voelt met op de voorgrond allemaal cactussen. Terug lopend naar de auto passeren wij de kerk Église de Montegrosse die broodnodig aan een opknapbeurt toe is. Het onkruid groeit uit het dak en het pleisterwerk laat los.



Col de Salvi
Volg je de D151 verder dan ga je over de 509+ m hoge Col de Salvi met uiteraard mooie vergezichten. Voordat je de Col oprijdt kun je nog rechts af naar de het kerkhof St.Rainier. Altijd bijzonder om in een ander land over een kerkhof te lopen. De graven zijn gesierd met souvenirs van familie en bekenden.

La Forêt de Bonifatu en Chaos de Bocca Rezza
Twintig kilometer ten zuiden van Calvi ligt het Forêt de Bonifatu. Dit 3000 ha grote natuurpark ligt tussen de 300 en 2000+ meter hoogte en is een waar wandelparadijs voor korte, lange en meerdaagse wandelingen. Tal van uitgezette routes bieden voor elke bezoeker wat wils. Heb je geen zin om te wandelen dan kun je er ook heerlijk picknicken aan één van de riviertjes en ‘zwemmen’ in de bassins.

Het park bereik je vanuit Calvi via de D81 richting Galéria, langs het vliegveld op en verder via de D251. De laatste kilometers slingert de weg omhoog naar de ingang van het park op circa 530+ hoogte.
Voor een bezoek aan het park betaal je bij de Auberge de la Forêt 4 euro parkeer- of entreegeld voor een auto (motor 2.50; camper 7.50 en bus 10.00 euro in 2018) Je krijgt een foldertje mee, netjes in het Frans met alle mogelijke wandelroutes.
Klik hier om het wandelkaartje te downloaden: Wandelroutes in Forêt de Bonifatu (2062 downloads )



Wandeling naar de Refuge de Carozzu
Wij kozen voor de wandeling naar de Refuge de Carozzu (of Carruzzu) op 1260+ en nog een stukje verder naar de Passerelle de la Spasimata (route 14 in de Rother Wanderführer). De hut en de ‘swingbridge’ liggen aan de beroemde GR20. Het eerste stuk is redelijk vlak en kunnen we veelal in de schaduw lopen. Na een dikke kilometer begint het echte klimwerk. Gestaag maar niet al te steil klimmen we omhoog met nu en dan uitzichten over de vallei.

We passeren de eerste rivier die droog staat. Wel zijn er mooie mos-sluiers die over de takken hangen en groeien als bewijs voor het aanwezige water in andere tijden.

Na dik anderhalf uur komen we uit bij de eerste hangbrug over de Meta di Filu. Hier kun je jezelf even lekker opfrissen en anderen draaien hier om. Vanaf deze brug gaat het immers steiler omhoog nog steeds onder de bomen.

Le refuge de Carrozzu
Bang voor de hitte valt dat alles dus reuze mee. Het pad slingert gestaag omhoog maar de hut wil maar niet komen. Iedere keer denken we dat we er bijna zijn maar helaas. Uiteindelijk (natuurlijk) komen we toch bij de hut, Le refuge de Carrozzu, aan waar we ons welverdiende frisdrankje kopen. Vanaf het terras van de hut kijken we de vallei in omringt door hoge bergen, anders is het ook geen Cirque, keteldal. De hut is het knooppunt van de GR20 dus zien we hier ineens veel wandelaars met dikke rugzakken die vaak nog maar de eerste kilometers in de benen hebben van de totale tocht. Het kriebelt wel om mee te gaan.


Na het drankje volgen wij de GR20 even richting Ascu. Stukje terug en dan rechtsaf. Het gaat naar beneden tussen de enorme dikke bomen en over gladde rotsplateaus waar je je met kettingen vast kunt houden. Ondertussen is het uitzicht echt (eindelijk) geweldig. Het duurt ook niet lang eer we de Passerelle de la Spasimata zien. Een lange hangbrug met gaten tussen de planken waar je niet tussen moet gaan staan. Wij wandelen niet verder en strijken neer bij één van de waterbassins.


Ik heb mijn zwembroek mee dus neem ik een echte verfrissende duik.
De weg terug is gewoon hetzelfde maar leek echter veel langer dan de heenweg… we zijn voor de hele tocht dik 7 uur onderweg geweest.
Lumio, de kuststrook ten oosten van Calvi
De kuststreek ten oosten van Calvi heet Lumio.
Occi Village Abandonnée
In Lumio, 10km ten oosten van Calvi, start hier achter Hotel Chez Charles een korte wandeling (1,5km bergop heen) naar het verlaten spookdorpje Occi . Door de geïsoleerde ligging en toenemende mobiliteit verlieten de bewoners het dorp. De laatste inwoner vertrok in 1927. Wat rest zijn ruïnes en een goed onderhouden kerk waar elk jaar het bestaan van het dorp herdacht of gevierd wordt met een kerkelijke dienst. Tijdens de wandeling heb je mooie uitzichten over de zee.

Terug naar de kust. Vanaf het lange strand van Calvi gaan we naar het oosten.
Plage de l’Arinella en Punta Caldanu
Komend vanuit Calvi slaan we vlak voor Lumio linksaf richting Plage de l’Arinella. De weg kronkelt tussen allerlei (vakantie-) woningen naar beneden waarna we op ene parkeerplaats uitkomen. Het strand is ook met de trein bereikbaar. Plage de l’Arinella is een kleine baai tussen de rotsen in met het restaurant Le Matahari. Je hebt hier prachtig zicht over de Golf van Calvi en natuurlijk Calvi.

Wij liepen een stuk naar rechts richting Punta Caldanu met een Genuese toren. De kustlijn is afwisselend rotsachtig met kleine zandstrandjes.


Punta Spanu
We gaan nog verder naar het oosten en nemen vanaf de hoofdweg T30 de afslag Plage Sant’Ambroggio en volgen na een kilometer links de bordjes Restaurant le Rocher. Natuurlijk staat ook hier een Genuese toren. Een heerlijke plek bij zonsondergang. Links van de toren zijn er diverse kleine baaien waarin je kunt zwemmen.



Plage de Sant’Ambroggio
Plage de Sant’Ambroggio is een toeristencentrum met een haven en een gelijknamig mooi wit strand. Ik ben er een keer geweest voor een duiktrip.
Algajola en Plage d’Aregno

Plage d’Aregno is een heerlijke lang baai met prachtig wit zand. Vanaf de hoofdweg is het strand makkelijk bereikbaar en er is parkeerruimte genoeg. Ook hier stopt de trein vanuit Calvi. Aan de westkant van het strand ligt Algajola. Het dorpje zelf is leuk om even doorheen te sjouwen en doet een beetje Italiaans aan. Er is een kerk en een kasteel. Het wandelpad loopt mooi langs de kust op.



L’Île-Rousse en de stranden
Een twintigtal kilometers vanaf Calvi naar het oosten komen we in het plaatsje L’Île-Rousse. Hier verbleven we meerdere malen op Camping Bodri vooraan links of als je uit het oosten komt achteraan rechts. Deze grote camping ligt op loopafstand van twee mooie stranden; Plage de Bodri en Plage de Ghjunchitu. De stranden staan in mijn top 10 lijst van mooiste stranden van Corsica. Camping Bodri ligt tegen station Bodri aan waar je op het boemeltreintje kunt stappen richting Calvi of naar het oosten.



Op Plage de Ghjunchitu ligt ook onze favoriete beachbar, U Sbirru.



De stranden zijn met de auto beide bereikbaar door de weg direct ten westen van Camping Bodri in te slaan. Parkeren kost 3 euro (2023).


Corsicaanse spoorwegen
Chemins de Fer de la Corse: Corsica kent twee spoorlijnen ofwel oude boemeltreintjes. Het traject van Ajaccio naar Bastia over 158km via Corte dwars door het binnenland en het traject Calvi – Bastia over 74 km langs de kust op en door het onherbergzame Balangne.
Voor tarieven en vertrektijden klik hier.
Het stadje L’Île-Rousse zelf is ook een erg leuk plaatsje om te winkelen en een terrasje te pakken. Een groot centraal plein met hoge palmen en een kerk siert het centrum. Loop je het centrum door dan kom je in de haven uit en het Ile de la Pietra. Een prachtige plekje voor de zonsondergang, een duik of een wandeling om de vuurtoren. Vanuit de haven vertrekken de veerboten richting het vasteland. Wij hebben hier al meerdere malen de nachtboot gepakt.




Loop je richting het westen dan kom je uit op een soort boulevard langs de kust en loopt helemaal paralel aan het strand Plage de l’Ile Rousse.

Voor de liefhebbers van bloemen en planten; er is een botanische tuin in Île-Rousse. Wij zijn wel liefhebbers maar zijn er niet geweest.
Plage de Lozari
Acht kilometer oostelijk van Île-Rousse komen we in Lozari uit. Lozari is een vakantiedorp met verschillende parken en campings. Het strand is fantastisch. Aan de westzijde staat ook nog een toren.

Rondrit langs dorpjes in de Balagne
Vanuit l’ÎIe-Rousse kun je ook leuke tochtjes naar het achterland maken, Balagne. Rij hier de D151 op en al snel kunt je genieten van het mooie uitzicht over de stranden en zee. We passeren als eerste Corbara met een indrukwekkende kerk. Voorbij Corbara zien we prachtige familiegraven langs de weg en weer wat verder het klooster en de Notre Dame de Lazio.

Pigna
Hierna komen we in het kunstdorpje Pigna waar je kunt rondslenteren en aardewerk kunt kopen. Een must is het terrasje pikken bij tapasbar A Casarella. Hier heb je in een gezellige sfeer prachtig uitzicht over de Balagne.


Sant’Antonino
Na Pigna strijken we via de D413 neer in Sant’Antonino, een klein oud dorpje (het oudste van Corsica) wat als het ware op de berg gesmeten is boven alles uit torenend. De kerk is hierbij ietwat buiten het dorp geraakt. Ook hier kun je rustig rondslenteren over de keienpaden en natuurlijk weer genieten van de vergezichten.
En zo barst het in de Balagne van de dorpjes, de één nog mooier dan de ander.
Aregno
Terug op de D151 voorbij Pigna kom je uit in Aregno met een mooie rose Église paroissiale Saint Antoine-Abbé.

Feliceto
Wij rijden verder vanaf de D151 linksaf de D71 op richting Muro naar Feliceto. Hier even geen pittoreske straatjes maar je kunt er aan de achterzijde wel een wandeling maken naar het Maison de Bandit, een afgelegen overwoekerde oude woning (ruïne) van de burgemeester. Het pad is gemarkeerd met rode stippen.

Col de Bataille 1103+
Weer een paar dorpjes verder komen we aan bij Speloncato. Voordat we het dorpje aan doen rijden we eerst de Col de Bataille 1103+ op via de D63. Halverwege heb je al een geweldig uitzicht over de vallei, de Barage de Codole maar vooral ook Speloncato.

Op de top van de 1104+ m hoge col stoppen we bij het restaurant A Merendella voor een korte wandeling richting Bocca di Croce d’Ollu (bergtopje).




Genietend van de vergezichten wandel je tussen de koeien door in een waar vlinderparadijs. Het is er muisstil, een licht briesje en als je toch wat hoort zijn het de insecten. Boven ons cirkelen roofvogels op zoek naar een muis. De achterzijde van de Col biedt je uitzicht op de indrukwekkend hoge Monte Padro (2.393+). We zijn aan de achterzijde niet afgedaald waar dorpjes als Mausoléo en Olmi liggen. Hier kun je een leuke wandeling maken door de Gorge de Tartagine en Ruisseau de Francioni met een tweetal Genuese bruggetjes.

Speloncato
We rijden niet verder naar het zuiden maar draaien om en gaan naar Speloncato. Weer zo’n heerlijk dorpje om rond te dwalen tussen de kleine straatjes. Speloncato heeft ook een prachtige kerk met een bijzonder rijkelijk interieur van beelden en schilderijen. De dorpskern zelf is het “verkeersknooppunt” met een fontein en twee restaurantjes.




Belgodère

Van hieruit gaat de tocht weer verder en komen we uit in Belgodère. Ook hier weer hetzelfde, een kerk, een plein, een terrasje en een paar smalle straatjes. Je komt vanzelf uit op een uitzichtpuntje waar onze lieve Heer waakt over het dorp tegen de achtergrond van de vruchtbare vallei. Een bijzondere bezienswaardigheid vond ik zelf het beeld van Maria in de Église de Belgodère met zeven zwaarden in haar borstkas gestoken; de Notre Dame des sept Douleurs. Elk zwaard staat voor het lijden van Maria. Van hieruit rijden we weer terug naar Île Rousse.



Palasca en Col de San Colombano
Vanuit Belgodère gaat de N197 verder de bergen in waar je eerst de Col de Casella passeert en hier de regio Palasca in rijdt. Daarna gaat de slingerweg door verlaten landschap verder omhoog over de Col de San Colombano 692+ naar Pont Leccia in Centraal Corsica.

Een kilometer of 4 voor de Col de San Colombano kun je linksaf de D363 op, deze weg gaat terug naar de kust, naar Lozari. Vlak voordat je het dorp Palasca in rijdt kom je langs Chapelle Saint Sébastien en de familie tombe van familie Monti Rossi-Roland.

Palasca zelf is een oud dorpje met vele mooie fotogenieke plekken.
Plage de Ostriconi
Op mijn top 10 lijst van mooiste stranden van Corsica staat zeker Plage de Ostriconi. Vanuit Île Rousse rijden we weer via het vakantieoord Lozari richting het oosten en na mooie vergezichten over zee komen we 12 km verderop bij Plage de Ostricino uit. Dit mooie spierwit fijn-zandig gelegen strand is te voet te bereiken vanaf de parkeerplaats (weiland bij afslag camping) maar dan moet je wel tot de oksels door een lagune om daar te komen. Het is een prachtig strand met toen wij er waren heerlijke golven.

Etangs en mooie stranden
Bijna alle mooie stranden op Corsica zijn ontstaan door de uitstroom van een rivier. Direct achter het strand bevind zich vaak een modderige lagune, de zogenaamde étang, met veel natuurschoon en bijzondere vogels.
Het strand is te voet ook te bereiken vanaf het restaurant een kilometer verderop. Dit is een mooie 2 km lange wandeling tussen de cactussen door. Dus niet handig als je koelboxen en parasols mee wilt sjouwen.
Download hier het kaartje: Ostriconi overzichtskaartje (2009 downloads )

Vanaf de oostpunt van het strand loop je ook in 15 minuten naar een kleine baai Cala di Vana. Dit strand is weer iets meer kiezelig. Hier begint ook de 2 daagse kustwandeling Sentier Littoral naar St. Florent.

Na Ostriconi buigt de weg af richting het binnenland en kunnen je linksaf richting via de Agriate des Désert naar St. Florent en Cap Corse of rechtdoor naar het bergachtige Centraal Corsica met Corte.
Corsica | Inhoud
Inhoud – Oostkust – Zuiden – Valinca Ajaccio – Westen – Balagna – Centraal – Bastia / Cap Corse