Pakse Laos – Wat Phou tempel en de mooiste watervallen
Pakse Laos – Wat Phou tempel en de mooiste watervallen
Pakse, in het zuiden van Laos, is de perfecte uitvalsbasis om de watervallen van het Bolaven Plateau en de eeuwenoude tempel van Wat Phou te verkennen. Deze regio combineert natuur, cultuur en avontuur: van koffieplantages en bergdorpen tot indrukwekkende ziplines en tropische kloven. In dit reisverslag ontdek je de mooiste plekken rond Pakse, de watervallen Tad Fane en Tad Yeuang, én de mysterieuze ruïnes van Wat Phou – een van de oudste tempelcomplexen van Zuidoost-Azië.
Tad Fane – zipline
Aankomst en vervoer regelen
Na een rustige vlucht in een redelijk nieuw toestel landden we op het rustige vliegveld van Pakse. De bagage ligt vlot op de band, dus we kunnen snel op pad. Een vriendelijke taxichauffeur brengt ons naar het hotel. Hij spreekt goed Engels en kent de regio, dus we strikken hem voor de volgende dag als privéchauffeur en gids. Wij overnachten aan de Mekong in het veel te grote en ongezellige Champasak Grand Hotel – wel vier sterren, dan.
De Dao Hueng Market
Ons hotel ligt vlak bij de grote Dao Hueng Market. Als we eenmaal ingecheckt zijn, lopen we even de stad in richting deze markt. De markthal met kleding is gesloten, maar de meest interessante levensmiddelenmarkt is wél open. We kijken onze ogen uit! De vleesmarkt is één smerige bende: overal zitten vliegen, er liggen ingewanden en hele kippen met de poten omhoog. Varkenskoppen kijken me nog aan. De vloer is glibberig glad; ik krijg het gevoel dat het bloed tussen mijn sandalen zit… en dan nog de geur van dat vlees…
Het groente- en fruitgedeelte maakt het gelukkig weer goed. Vrolijke kleuren en mooi gestapeld fruit maken dit weer een lust voor het oog. Vriendelijk lachende dames prijzen hun koopwaar aan. Vaak wordt de oogst uit de moestuin hier direct aangeboden.
Avondeten aan de Mekong
Bij het hotel is een enorm terras. Vanavond is er ook livemuziek, dus dat wordt gezellig dineren. Althans… de muziek is in ieder geval leuk en het eten is heerlijk. Er loopt alleen ongeveer net zoveel personeel rond als er klanten zijn – geen hoogseizoen, begin juni. Engels spreken kunnen ze hier nauwelijks.
Op naar het Bolaven Plateau
Mooi op tijd staat onze taxichauffeur Leo ons de volgende ochtend op te wachten met zijn fris gepoetste auto. Via een grote, brede straat rijden we richting het Bolaven Plateau. De rit is zo’n 40 kilometer. We passeren een tolstation en rijden daarna langs een koffieproducent waar de koffiebonen van de hoogvlakte verwerkt worden. Ook ananas wordt overal langs de weg aangeboden.
Het Bolaven Plateau: loops en watervallen
Het Bolaven Plateau in Zuid-Laos is een hoogvlakte met een koel klimaat, weelderige natuur en talloze koffieplantages en watervallen. Het plateau ligt op een hoogte van 1.000 tot 1.300 meter en is een populaire bestemming voor reizigers die de rust van het Laotiaanse platteland willen ervaren. Door de vruchtbare vulkanische grond is het gebied ideaal voor landbouw, vooral voor de productie van hoogwaardige Arabica- en Robusta-koffie.
Een populaire manier om het Bolaven Plateau te verkennen is per motor of scooter via de “loops”: de Short Loop (2–3 dagen) en de Long Loop (4–6 dagen). De routes leiden langs charmante dorpjes, koffieboerderijen, rivieren en indrukwekkende watervallen zoals Tad Fane, Tad Yeuang en Tad Lo. Reizigers kunnen onderweg overnachten bij lokale guesthouses of homestays, wat een authentiek inkijkje geeft in het dagelijks leven van de etnische minderheden in de regio, zoals de Katu en de Alak.
Wij bezoeken vandaag alleen het 4 Sisters Area (zie kaartje, in geel). Na een klein uurtje komen we aan bij de eerste waterval: de Tad Fane-watervallen.
De Tad Fane-watervallen
De Tad Fane-watervallen zijn spectaculaire watervallen in de Xe Pian-rivier, met een valhoogte van 100 meter, midden in de weelderige jungle. Ze behoren tot de meest indrukwekkende watervallen van het land en zijn de populairste trekpleister voor natuurliefhebbers en avontuurlijke reizigers. De Tad Fane-watervallen liggen in het Dong Hua Sao National Protected Area.
Dong Hua Sao National Protected Area
Dong Hua Sao National Protected Area
Dong Hua Sao National Protected Area is een beschermd natuurgebied dat rijk is aan tropisch regenwoud, wilde dieren (zoals gibbons, olifanten en luipaarden) en diverse vogelsoorten. De biodiversiteit is enorm; ecotoerisme is hier dan ook het keyword. Het 1.100 km² grote gebied ligt tussen de 100 en 1.100 meter hoogte.
We moeten entree betalen om het terrein op te mogen. Bij de ingang is ook een vakantieresort: het Tad Fane Resort. De natuur is indrukwekkend! Er zijn diverse uitzichtpunten over de kloof met de twee grote watervallen.
Tad Fane-waterval
Tad Fane-watervallen en een spectaculaire zipline
Met ruim US$ 40 is het zeker niet goedkoop, maar absoluut aan te bevelen: de Tad Fane-waterfall zipline, oftewel het tokkelbaanparcours. Ik denk dat deze zipline één van de mooiste ter wereld is. Je legt een parcours af van drie ziplines, met lengtes tot ruim 400 meter, over en langs de watervallen en jungle. Voordat je in je tuigje de kloof over suist, kun je eerst oefenen op de grond aan een mini-zipline. Gaat dat goed, dan begint het echte werk. Eigenlijk hoef je zelf weinig te doen: je wordt prima begeleid. Tussen de ziplines door moet je kleine stukjes lopen en klimmen (zie kaartje).
Zipline-parcours Tad Fane
Het is absoluut de moeite waard. Je moet het wel durven én kunnen betalen natuurlijk. Voor US$ 8 extra maakt een begeleider mooie beelden tijdens de vlucht; ook dat is wat mij betreft de moeite waard. Zie onderstaande video.
Toen wij er waren was het rustig. We hadden niet gereserveerd en waren de eerste van de dag. Later kwam er nog een groepje backpackers, waarvan één iemand heeft geziplined. Daarna trok de kloof weer dicht met een grote mistwolk als gevolg van een regenbui; zippen is dan niet mogelijk. In het hoogseizoen schijnt het beter te zijn om te reserveren. Een week eerder (eind mei) waren er nog 200 zippers op één dag. Ga naar de website van GreendiscoveryLaos voor meer informatie.
De Tad Yeuang-waterval
De volgende stop tijdens onze dagtocht met Leo is de Tad Yeuang (ook gespeld als Tad Yeung, Tad Yuang of Tad Gneuang) waterval. Via wat restaurantjes waar inheemse dames met bamboe zitten te knutselen, lopen we onder een zee van vlaggetjes door naar de waterval. Als een brede rivier stroomt de Xe Pian-rivier vanaf links aan en valt vervolgens ruim 40 meter de diepte in.
Tad Yeuang waterval – bovenstroom
We bekijken de waterval vanaf de bovenzijde. Dan begint het helaas te regenen. Maar ja: toch dalen we via een leuk, overwoekerd pad met wortels en lianen af naar beneden. Naast de regen spat ook water van de waterval door de vallei. Gelukkig is er een afdak waar we enigszins droog kunnen blijven.
De hoeveelheid water is na recente regenval stukken groter dan wat ik op foto’s heb gezien die in het droge seizoen zijn gemaakt. Dan is zwemmen hier ook mogelijk.
Tad Yeuang waterval
Als we terug naar de auto lopen, buurten we nog even bij de dames die al zóveel schepnetjes van bamboe hebben gemaakt dat ze deze ook maar als slinger hebben opgehangen. De oudere dames zijn van een specifieke stam; welke weet ik niet.
Koffie drinken op een koffieplantage
Na het bezoek aan de eerste twee watervallen gaan we de echte koffie van de Bolaven proeven bij het Bolaven Plateau Coffee Producers Cooperative Cafe. Op deze plek kunnen we kennismaken met de lokale teelt van koffie en andere producten.
Koffieplantage
Tad Champee Waterfall
Na de koffie gaan we naar de volgende waterval, eentje die minder bezocht wordt: de Tad Champee Waterfall. Deze ligt een klein stuk terug richting Pakse, aan de noordkant, ongeveer een kilometer van de weg. We parkeren in een grasveld bij een (kassa)huisje waar we opnieuw entree moeten betalen. Je zou denken: als je entree betaalt, verwacht je dat de boel ook een beetje opgeruimd en onderhouden wordt van dat geld. Die gedachte klopt hier niet; overal ligt zwerfafval rondom de waterval.
EntreeKassahuisjeEerste blik op de watervalVeel zwerfafval bij de waterval
Om bij de Tad Champee-waterval te komen, lopen we via een pad naar beneden en komen we onder in de vallei uit. Hier zien we een brede waterval zo’n 6 meter naar beneden vallen. Het water komt uit in een meertje waarin je zou kunnen zwemmen. Maar als ik zie hoeveel glaswerk hier overal slingert, zou ik niet zomaar het water in stappen. Voor je het weet trap je in glas. Een kapotte tafel, kapotte stoelen en andere troep liggen er rond. Beetje jammer.
Ondanks dat het een hele mooie plek is, zijn we toch een beetje teleurgesteld.
Terug naar Pakse en de rivier over
We stappen weer in de auto en rijden terug naar Pakse. Hier steken we de imposant lange brug over de Mekong over, waarna we linksaf slaan naar het zuiden. Het landschap is afwisselend en mooi. De weg loopt weer richting de Mekong naar het plaatsje Champasak. Hier kent onze chauffeur een leuk restaurant: het Saythong Guesthouse & Restaurant, waar we met uitzicht over de Mekong van een flinke lunch genieten. Daarna gaan we richting de oude tempel Wat Phou.
Het Wat Phou-tempelcomplex
Na de lunch rijden we naar Wat Phou. Het is inmiddels bloedheet en vochtig. We zien buien ontstaan, maar deze trekken gelukkig de andere kant op. Aangekomen bij Wat Phou kopen we een ticket waarmee we door het elektronische poortje kunnen. Omdat het terrein vrij groot is en de hitte intens, rijden er elektrische karretjes om ons langs het grote waterbassin – de Midden Barray – te brengen en bij het begin van de tempel af te zetten.
Midden Barray met de heilige berg Phou Kao op de achtergrond
Wat Phou
Wat Phou is een oud Khmer-tempelcomplex dat stamt uit de 5e tot 13e eeuw. Het complex ligt schilderachtig aan de voet van de heilige berg Phou Kao. Oorspronkelijk gewijd aan de hindoeïstische god Shiva, werd het later een belangrijk boeddhistisch heiligdom. De structuur bestaat uit een centraal heiligdom, barays (waterbassins), lange processiepaden en sierlijke trappen. Wat Phou is UNESCO-werelderfgoed sinds 2001 en biedt inzicht in Khmer-architectuur van vóór Angkor Wat. De combinatie van spiritualiteit, natuur en geschiedenis maakt het tot een unieke en serene bestemming in Laos.
Eén van de symmetrische heiligdommen
Via een verhoogde weg komen we uit bij twee grote symmetrische heiligdommen. Alles is zo oud dat de exacte betekenis en het gebruik lastig te bepalen zijn. Na deze gebouwen volgt er, iets hoger gelegen, een lange zuilenrij die in het verleden overkapt was. Links staat nog een tempel die aan Nandin, de heilige stier (en met Shiva verbonden), gewijd was.
Een monnik dwaalt over het complex.
Aan het einde van de zuilenrij volgen een paar beelden en trappen, waarna er weer een vlak pad ligt.
Aan het einde van dat vlakke pad volgen steile trappen die naar het heiligdom op de berg leiden.
De trappen naar het heiligdom
Het heiligdom is een tempel met allerlei inscripties en beelden. Aan de achterzijde bevindt zich de footprint van Boeddha. Overal slingeren hier ook brokstukken rond: een grote puzzel die wellicht ooit weer een mooi bouwwerk kan opleveren.
Het is domweg te heet om nog verder de heuvel op naar de Elephant Stone te lopen, dus ik daal weer af en wandel rustig terug. Onderweg scoor ik een flesje water. We genieten nog even van de sprookjesachtige spiegeling in het water.
Na ons bezoek gaan we terug naar het hotel. Voor morgen heb ik een shared minibusje geregeld dat ons naar Nakasong en Don Det bij de 4.000 eilanden brengt. Gewoon via internet geboekt; het vertrekt vanuit het centrum van Pakse.