West Highland Way – Scotland

West Highland Way: Deel Bridge of Orchy – Fort William

Begin Juni 2018, Dag 1

Ons avontuur begint op het vliegveld van Edinburgh waar wij om 9h landden. Hier hebben we de allerkleinste auto gehuurd om in Bridge of Orchy te komen. Maar er moet eerst nog wat inkomen gedaan worden dus rijden we richting Stirling en bezoeken daar de Cotswold Outdoor. We laten ons informeren over de stand van zaken met de irritante midges en schaffen een netje en spray aan. Ook slaan we wat maaltijden in en een gastankje.

De West Highland Way is een lange afstand wandeling in de Schotse Hooglanden over een afstand van zo’n 150km. De wandeling start iets ten noorden van Glasgow in het plaatsje Milngavie. In het begin gaat de route door het groene graslandschap en volgt daarna ruim 4o km de oevers van Loch Lomond. Vanaf Inverarrnan volgt het pad het dal waar ook de A82 doorheen loopt. Echt ruig wordt het landschap vanaf Tyndrum. Het pad is dan nog vlak maar vanaf Bridge of Orchy begint het echte werk. Hier verlaat het pad het zicht op de A82 met een serieuze klim. Dit is ook het punt waar wij onze hike starten. Vanaf hier is het nog ruim 60 kilometer naar Fort William en beginnen ook de ruige verlaten Highlands inclusief de midges en alles wat er bij hoort.

Omdat we toch tijd zat hebben rijden we eerst naar het William Walace monument in Stirling. Dit enorme bouwwerk staat er ter ere van alle helden, met William Walace in het bijzonder, die ervoor gezorgd hebben dat Schotland nooit door Engeland is ingelijfd. We scoren er een stevig ontbijt en rijden verder de Highlands in. We stoppen nog een paar keer waaronder in het gehucht Balquhidder waar een de volksheld, maar ook struikrover  Rob Roy begraven ligt. Hier maken we bij het sfeervolle kerkje onze rugzakken in orde waarna we in één ruk doorrijden naar Bridge of Orchy. Daar nemen we voor 3 dagen afscheid van onze Fiat 500.

De kerk van Balquhidder

We starten de hike symbolisch met het oversteken van de Bridge of Orchy over de River Orchy. Het pad staat duidelijk niet te missen aangegeven en daar gaan we. Het gaat hier meteen bergop tussen de dennenbomen door en na een paar honderd meter is al duidelijk dat het geen makkie gaat worden dit keer.

Het is erg broeiend warm en het zweets guts ons al meteen van het hoofd. Daar staan we dan met al onze Gore Text regenkleding en mijn nieuwe Fjallraven wandelbroek. Het pad trekt stevig omhoog en even later komen we het bos weer uit en verschijnen de eerste vergezichten. We moeten even zo’n 4 km de bult over en komen dan uit bij het Inveroran Hotel uit. Het hoogste op zo’n 350+ m het Màm Carraigh en biedt naast een steenmannetje een prachtig uitzicht over Loch Tulla.

Het steenmannetje bij Loch Tulla

Inmiddels merken we dat het drinkwater een dingetje gaat worden bij deze inspanning. Voor we het weten is onze liter water op. We weten dat er bij Inveroran een kraan is dus dat geeft niet maar voor de kilometers daarna wordt het wel een dingetje. Er is natuurlijk voldoende water overal maar daarmee loop je toch een klein risico.

Bij het Inveroran Hotel zit een groep hikers op het terras.  Zij zijn deze ochtend waarschijnlijk ergens in Tyndrum of Crainlarich begonnen.  Het is nog maar een uur of vier en ons streven is vanaf hier toch halverwege tot aan Kingshotel te komen. Ca. 7 a 8 kilometer dus. Het pad is even vlak maar als we een oude poort passeren wordt het een typisch oude keienweg die oneindig lang en langzaam langs de bosrand omhoog kruipt. De keien loopt erg ongemakkelijk, dat zal de hele route wel een beetje zo blijven.  We klimmen aardig verder omhoog en als we de bosrand voorbij zijn worden we getrakteerd op de prachtige vergezichten. De A82 is ergens in de verte nog te zien maar het zijn vooral de prachtige bergen en uitgestrekte vlaktes die het landschap bepalen.

Oja, wanneer hadden we ook al weer voor het laatst fatsoenlijk gegeten…? Dat was vanmorgen om een uur of elf en dat begin ik te merken. Het is al zes uur geweest en we moeten echt nog een paar kilometer door dus wordt het langzaam een combinatie van honger en de warmte. Uiteindelijk komen we toch aan bij de campspot die we op de kaart in gedachten hadden; de ‘Bà Bridge’ heet de spot op de kaart.  Het is namelijk niet éénvoudig om zomaar tent op te zetten. Her en der zijn wat plekken die geschikt zijn  maar dat zijn er niet veel. Wij hebben in ieder geval wel een mooie en redelijk beschutte plek.

In “no time” hebben wij de tent staan en kunnen we ons potje eten gaan maken. Door wind en zon zijn de midges er nog niet maar dat zal niet lang duren. Al tijdens het eten moeten we de hoofdnetjes tevoorschijn toveren. Het is trouwens lastig eten met een netje over je hoofd. Gelukkig steken de midges hier nog niet echt maar irritant is het zeker. Na het eten lopen we nog een heuvel op maar besluiten dan toch te gaan pitten. Het was immers erg vroeg vanmorgen…

Dag 2

Vroeg naar bed dus vroeg weer op. Voor zeven uur zij we al in de weer. Ontbijten en daarna de tent afbreken wederom omgeven door miljoenen midges. Dat zorgt er wel voor dat je niet treuzelt. Dus even na zevenen zijn we weer op pad en beginnen met een lange niet al te steile klim. Het weer is fantastisch en zo in de vroegte is het nog niet warm.

Als we op het hoogste punt zijn hebben we een fantastisch uitzicht op de Glencoe Valley. Ik wordt er wel blij van dat wij deze mooie passage mogen wandelen bij een zonnig weertype. het had hier immers heel anders gekund.We dalen af richting de a82 en het Kings House Hotel. Links zien we eerst het skicenter met overnachtingsplekken en mogelijkheid om iets te kopen. Bij het Kings House is het stil.  Hier zijn ze met een enorme verbouwing bezig dus alle faciliteiten zijn gesloten. Niet het toilet en de waterkraan. Na deze 8km pauzeren we even aan de rivier en vervolgen daarna het fantastische deel naar de voet van de pas. We stoppen vaak voor foto’s en filmpjes. De kleine wolken werpen mooie schaduwen tegen de glooiende berghellingen.

Uiteindelijk in de scherpe bocht van de A82 buigen wij rechts af en beginnen aan de 200m hoge klim. Dat lijkt niet veel maar in de warmte, 15 kg rugzak, los gesteente en al 13km in de benen vond ik hem toch pittig. Slingert zwoegen we omhoog en als we éénmaal op de top zijn gooien we de rugzak af. Het kooktoestel wordt voor de dag gehaald om een portie noodles te koken; even wat koolhydraten en zouten naar binnen werken.

De beklimming

Na de broodnodige rustpauze moeten we onze weg weer vervolgen voor zo’n 10 km. Wij dachten eigenlijk dat het alleen nog maar bergaf zou gaan maar we zien het pad in de verte toch weer omhoog gaan. Het landschap is weids, groots. Ergens in de verte weerspiegeld het water van het gigantische stuwmeer het Blackwater Reservoir. Deze stuwdam moest de stroom verzorgen van de aluminiumindustrie in Kinlochleven; de eindbestemming van vandaag. De industrie is verdwenen en de fabrieken zijn omgeturnd in klimhallen.

Maar goed, voorlopig moeten we nog de nodige kilometers overbruggen en dat valt niet mee. Op een gegeven moment kijken we neer op Kinlochleven en dan denk je dat je er bijna bent maar helaas. We maken een flinke zwaai in een zijdal en het pad wordt ook nog eens beroerd om te lopen met vele losliggende keien. Het duurt een eeuwigheid, maar daar is dan toch echt de bewoonde wereld en direct ook de camping.

De camping met op de achter de oude waterkrachtcentrale

We zetten onze tent op en vluchten daarna voor de midges en duiken de pub in. Na een paar pints en een bak soep gaan we even terug naar de camping om te douchen en duiken daarna weer te pub in voor het avondeten. Uiteindelijk liggen we weer vroeg in de avond op één oor om uitgerust aan de laatste lange etappe van morgen te beginnen.

Dag 3

Ons voornemen van vandaag is eerst opstaan, tent opbreken en dan richting de pub te gaan voor een full-scottisch breakfast. Een stevige wellicht niet meest efficiënte maaltijd voor een lange dag wandelen.

De dag begint met een pittige klim. Als we bijna boven zijn kijken we nog even om en genieten van het uitzicht over het dal. Daarna lopen we langzaam de hoogvlakte op die steeds kaler en weidser wordt met grasland en gloeiende heuvels.

Een verlaten boerderijtje, schapen af en toe een bruggetjes en een lang pad dat zich voor ons uitstrekt is het beeld. We klimmen eerst nog langzaam omhoog waarna het zo’n beetje op en af gaat. Uiteindelijk zien we we het prachtig gelegen meer Lochan Lunn Dà-Bhra liggen. Helaas voert het pad niet langs de oevers en helaas is ook praktisch al het bos wat hier stond gekapt en verdwenen.

De weg vanaf het meer gaat direct naar Fort William maar wij maken eerst nog een afbuiging naar rechts startend met een pittige klim over een leuk stuk single track tussen de schapen door. We komen weer in een bosje terecht waar gelukkig een snel stromende beek naar beneden komt; tijd om de watervoorraad aan te vullen.  Volgens de kaart gaan we nu alleen nog maar door het bos maar ook hier is helaas alles gekapt. Vreemd maar later lees ik op een bordje dat het met een beestje te maken heeft dus er is over nagedacht stel ik mezelf gerust. Het pad gaat op en af en we voelen de inmiddels 20km al goed in de benen. Dan volgt er nog een laatste klim door de Nevis Forest waarna we een mooie blik krijgen op de Ben Nevis aan de andere zijde van het dal.

Zicht op de Ben Nevis

Het pad gaat over in een ruime houthakkers weg en daalt in lange saaie bochten naar beneden. Jammer, dit had veel mooier kunnen zijn. De camping ligt een 3 tal kilometer voor Fort William en wij snakken er naar de rugzakken daar af te werpen. Helaas moeten we nog een omweg maken om er te komen.

Glen Nevis Camping

Op de ruime camping aan de voet van de Ben Nevis is plek zat. In het winkeltje kopen we een stuk gebak en wat drinken waarna we de tent opzetten. Eenmaal opgefrist maken we ons op voor de laatste kilometers tot aan Fort William. Via het Visitor Centre wat wij rechts laten liggen sjouwen we door langs de hoofdweg op naar de stad en eindigen formeel bij het bord van de West Highland Way.

Fort William is een kleine stad met ruim 10.000 inwoners en een echte regiofunctie. Druk en door zijn centrale ligging ook erg populair als uitvalsbasis bij de toeristen. Er is een winkelstraat met diverse pubs en restaurants. Het is de 3e keer dat ik hier ben en altijd weer leuk maar echte bezienswaardigheden zijn er niet. Mocht je meer tijd hebben dan is een uitstapje verder naar ‘the road to the Isles’ het noorden richting Glenfinnan, Mallaig  of verder nog naar Skye ernstig aan te bevelen. Zie hiervoor mijn andere verslagen.

Loch Tulla

Lochan na Achlaise

Glencoe Valley

Voor ons eindigt het hier en zullen wij de volgende dag met de Citylink bus terug gaan naar Bridge of Orchy om de auto weer op te pakken. Onderweg maken we nog prachtige foto’s vanuit het raampie. Van daaruit rijden we naar Queensferry bij Edinburg waar het koud en mistig. We werpen een blik op de Firth of Forth Bridge en slaan een Fish en Chips weg.

Fitrth of Forth Bridge

Aan het eind van de middag vliegen we terug naar Eindhoven.

Video impressie: