Rondreis Scandinavië 2009

Noorwegen

Loen, Zaterdag 8 augustus

In de ochtend begint het ineens heel hard te waaien vanuit het zuiden. Misschien een soort valwind vanaf de Jostedalsbreen. Alle scheerlijnen die ik bij me heb bevestig ik aan de tent. Zo snel als de wind kwam ging ie ook weer.

Dan besluiten we dieper het dal in te gaan rijden, langs het Lovatnet op. Als we bijna bij het einde van het meer zijn staan er een paar huisjes, een gehucht genaamd Bødal. Hier kun je linksaf door het tolpoortje naar Bødalsættre, een vallei met o.a. de gletsjer Bødalsbreen.Zorg dat je genoeg klein geld bij je hebt. Bødalsættre is een dal dat 500m hoger ligt. De tolweg klimt dus erg steil omhoog. De ATB-ers die boven komen zijn bekaf. De weg eindigt bij een parkeerplaats, met de fiets kun je verder maar niet tot bij de gletsjers. De laatste paar meter moet je uit het zadel en lopen.

Eénmaal boven is het prachtig. Een weiland met koeien en een paar hutten, rondom bergen met gletsjers zoals Skalebreen en Tindefjellsbreen. De Bødalsbreen is nog niet te zien. We zullen eerst een kilometer of 2 moeten wandelen. Het is goed weer dus gaan maar. Het is een leuke simpele wandeling zonder klim tussen lage begroeiing. En dan na een bultje zien we de Bødalsbreen. Een mooie grote gletsjer met aan de voet een meer. Als we teruglopen zien we wel wat dreigende wolken boven de berg hangen maar het blijft droog.

Scandinavie_2009_271

Bødalsættre met de Bødalsbreen

In de middag willen we nog even naar Stryn. Voorbij Loen begint het eigenlijk meteen stevig te regenen. Vervolgens blijken ook nog alle winkels dicht te zijn op de zaterdagmiddag. De supermarkt is gelukkig wel open. We lopen nog wel even langs de rivier en de oude houten brug. Het blijft regenen dus rijden we de 12km maar weer terug naar de camping en warempel in Loen is het weer droog.

Zondag 9 Augustus

De zon schijnt weer uitbundig. Vandaag steekt er geen wind op. We willen in de ochtend naar de Jostedalsbreen. De meest bekende gletsjer van Noorwegen. Ik verwacht dus wel hordes toeristen aan te treffen. De weg er naartoe is al leuk. We stoppen bij de Nordfjord voor een paar spiegelfoto’s.

Dan rijden we het dal en langs de meren op, de wanden worden steeds steiler en enger, links de Brenndalsbreen en op het einde de parkeerplaats voor een bezoek aan de Jostedalsbreen. Rondom weer bergen, watervallen, ijs en sneeuw.

We beginnen enthousiast aan de wandeling/klim. Voor de minder valide en luie mensen kun je met een karretje omhoog. Dan nog moet je de laatste paar honderd meter lopen. De wandeling gaat langs een spectaculaire waterval op. Stiekem is het nog een stevige wandeling. Rechts van ons buldert de rivier met het gletsjerwater woest naar beneden. Eng om te zin hoe hier een paar ouders hun jonge kinderen los bij het water laten komen. Geen wonder dat je ieder jaar weer stukjes in de krant leest over fatale ongevallen.

Scandinavie_2009_030

De wandeling naar de gletjer

De gletsjer hebben we vrij snel in het vizier maar het is nog een hele wandeling eer we bij het meertje zijn met de uitmondende gletsjertong. Deprimerend zijn de bordjes van de terugdringende gletsjer. Het is hier mooi maar ook fris. De zon heeft niet al te veel grip op de diepe dalen en het ijs is er in overvloed.

Terug bij de parkeerplaats eten we een broodje en drinken wat: 30 euro!

We gaan weer terug naar de camping en laat eindelijk een wens van de kinderen in vervulling gaan: we huren een bootje. Met Luc aan het roer, de dames voor op de boeg en een tas met eten en drinken steken we het spiegelgladde water van het Lovatnet over. Aan de overzijde is bos en verder misschien een klein paadje. We varen een rond en willen in de zon ergens langs de kant picknicken, maar ik krijg de motor niet uit; de bewuste knop ligt eraf dus rest ons maar 1 ding en dat is terug naar de camping. Met een stationair draaiende motor halen we de campingbaas erbij om de motor af te zetten.

In de avond stoken we de barbecue weer aan. Morgen gaan we op weg naar de Aurlandsfjord.

Maandag 10 augustus

We pakken de tent weer in en vertrekken richting Fjærland. Het is een mooie route met niet al te veel steile bergen. Het weer is lekker, iets koeler maar in ieder geval geen regen.

Het is hier altijd opletten. Zo staan er op de grote hoofdweg ineens 5 koeien midden op de weg, dan weer schapen of geiten. Het dal wordt nauwer waarna we een tunnel induiken en bij Fjærland eruit komen. We laten het Gletsjermuseum voor wat het is en gaan naar het dorpje. Het is een leuk knus dorpje met mooie houten huisjes gelegen aan het water. Het bijzondere van dit dorp is dat er een stuk of 7 bibliotheken / boekwinkels zijn. Het plaatsje is bekend voor de literaire winkeltjes, bibliotheken en leescafés. De wespen jagen ons naar binnen. Hier kun je overigens ook de ferry nemen naar Dragvik en Balestrand.

Via een volgende lange tunnel en een tolhuisje rijden we door richting Sogndal. Wederom zien we mooie spiegelmeren. In Sogndal, een behoorlijke grote plaats, gooien we de tank vol voor de laatste loodjes. We rijden weer een tunnel in die aan het eind langzaam breed wordt en meersporig eindigt als opstelplaats voor het veer Fodness – Manheller naar het Lærdal.

In het plaatsje Lærdalsøyri is niet veel te doen maar het heeft wel hele mooie authentieke huisjes. We doen wat boodschapjes en picknicken in het park.

Dan wagen we ons in de Lærdalstunnelen, met 24,5km, de langste autotunnel ter wereld. De tunnel verbindt het Lærdal met Aurland en maakt deel uit van het wintervrije en bootvrije traject Oslo-Bergen. Op 6, 12 en 18 km is de tunnel omgeturnd in een soort ijsgrot.

Aurland passeren we ook weer door een tunnel en komen zo uit in Flåm. Flåm is beroemd om zijn treintje dat de bergen in gaat maar gezien het hoge tarief en geluiden van mensen die erin gezeten hebben gaan wij er geen gebruik van maken. Wel een hele bootlading toeristen, zo vanaf het cruiseschip de trein op. Dit is pas echt toeristenindustrie. We planten onze tent op de camping van Flåm, op loopafstand van het centrumpje.

Dinsdag 11 augustus

Dinsdagmorgen rijden we de 7km lange tunnel in richting Gudvangen en slaan rechtsaf naar Undredal. De weg loopt langzaam naar beneden. We parkeren voor het dorpje en lopen naar het kerkje dat de kleinste kerk van ik dacht Noorwegen is. Inderdaad een grappig kerkje. Dan lopen we verder richting het water waar de terrasjes gesloten zijn. Ik doe een proeftest of het water van de Aurlandsfjord, zijtak van de Sognjefjord zo ver landinwaarts nog wel zout proeft en inderdaad, een beetje brak. Je zit het overigens ook meteen aan de bruine waterplanten/zeewier. We hebben het snel gezien hier in Undredal en rijden weer terug naar de hoofdweg.

Dan komen ons ineens een paar honderd geiten tegemoet rennen. Echt veel ruimte om te auto te passeren is er niet en we hebben al krassen opgelopen door een schaap, maar gelukkig wringen ze zich tussen de vangrail en auto door en aan de andere zijde langs de rotswand op.

Terug op de hoofdweg slaan we rechtsaf de 13km lange tunnel in naar Gudvangen. De plek waar vroeger de veerboot van; het Lærdal aankwam en nu alleen nog toeristenferry’s varen (zie verslag 2007). We wandelen wat rond, pakken dan hier maar onze koffie en hebben het dan gezien. De lucht begint dreigend te kleuren en er valt wat regen. We gaan maar snel door de tunnels terug, wie weet schijnt in Flåm wel weer de zon.

In Flåm is het inderdaad beter maar ook geen hoogzomer.

In de middag willen we nog een stuk Snovegen rijden. De oude bergpas van Aurland naar Lærdal. De klim is behoorlijk pittig, weinig passeermogelijkheden voor tegenliggers en zeer scherpe haarspelden. Boven aangekomen is er een prachtig viewpoint aangelegd. Het uitzicht is wederom uniek.

Scandinavie_2009_115

Aurlandsfjorden

Vervolgens rijden we nog verder, de weg klimt nog steeds omhoog en de eerste sneeuwresten duiken op, echter hoge sneeuwwallen komen we niet tegen. Het is koud en winderig. De wolken hangen om ons heen maar belemmeren niet het zicht. Ik loop met Luc een stuk in de sneeuw.

Nu we toch zover zijn kunnen we net zo goed maar doorrijden naar het Lærdal en via de tunnel weer terug gaan. De afdaling aan deze andere zijde is ook stukken makkelijker. Op de terugweg lopen we nog even door het plaatsje Aurland. Altijd leuk zo’n plaatje aan het water.

Woensdag 12 augustus

Vandaag beginnen we langzamerhand aan de terugkeer naar huis. Oslo willen we binnen 2 dagen bereiken. Ik had nog twijfels over of via File Fjell over de oostelijk gelegen E16, door Valdres en Fagernes zouden rijden. Het werd toch de rv52 via het Hemsedal naar Gol en dan richting Oslo. In 2007 hadden we in Gol overnacht. We kiezen voor een 2e keer omdat de route korter is en er een tropisch zwembad moet zijn. Leuk voor de kinderen.

Via de lange tunnel rijden we naar Borgund en stoppen even bij het staafkerkje waar wederom een berg entree gevraagd wordt. Dan rijden we door en voor de afslag naar Valdres klimt de weg naarstig naar het hoogste punt bij Breistolen, de Hemsedalsfjell. Daarna dalen we langzaam en rijden langs het Eldrevatnet, een meer gelegen op zo’n 1100m hoogte.

Als we weer onder de boomgrens komen nemen we afscheid van het ruige Noorwegen en volgen de weg door het Hemsedal tot aan Gol. Enigst hoogtepunt is nog een leuke waterval.

In Gol aangekomen rijden we naar de plaatselijke VVV waar we navraag doen over het zwembad. Dit blijkt bij het Pers Resort gelegen te zijn, een paar honderd meter verderop; het Tropicana Badeland. Ook worden hier hutjes verhuurd en gezien dreigende wolken en de 50% korting die we erbij krijgen op het zwembad is de keuze snel gemaakt.

De kinderen genieten in ieder geval van de vele lange glijbanen en wij relaxen een beetje in de stoelen.

Donderdag, 13 augustus

We pakken de boel in en rijden in één ruk naar Oslo. Onderweg trotseren we nog een paar buien maar in Oslo aangekomen schijnt het zonnetje weer als vanouds. We parkeren bij de terminal van Stenaline aan de Akershustranda en wandelen rechtstreeks naar de Karl Johansen Gate, dé winkelstraat van Oslo. Hieraan gelegen ook het Parlementsgebouw en aan het eind het prachtig gelegen Koninklijk Paleis. Van hieruit lopen we weer terug naar de nieuwe winkelzone aan het water, Aker Brygge. Omgebouwde pakhuizen, nu vele winkels en een leuke boulevard.

Dan begeven we ons naar de auto terug, checken in en rijden rond een uur of 19.00 de boot op. In de avond genieten we nog van de uitzichten over de Oslofjord. Luc raced in de automatenhal nog even op in een Ferrari.

Denemarken

Vrijdag 14 augustus

We zijn nu al bijna 3 weken van huis. Ik zou hier nog wel willen blijven maar er moet thuis toch nog het één en ander gedaan worden alvorens we weer aan het werk moeten dus geen overnachtingen meer hier in Denemarken.

Maar het is hier in Jutland zo mooi dat ik de terugreis nog niet wil aanvaarden. We besluiten richting Rubjerg Knude te rijden, gelegen aan de westkust tussen Lønstrup en Løkken. We bedwingen de prachtige hoge zandduinen en bekijken de weggevaagde vuurtoren. De lucht is weer strak blauw wat weer prachtige foto’s oplevert.

Scandinavie_2009_083

De duinen bij Rubjerg Knude en het strand bij Løkken

De duinen bij Rubjerg Knude en het strand bij Løkken

Dan rijden we naar Løkken waar we aan de zuidkant het strand op mogen rijden. Ja, dat kan en mag hier. Ondanks dat de kustlijn bezaaid is met vakantiehuisjes is het hier erg rustig. Monique is even bang of we niet wegzakken maar de zand is behoorlijk vast gereden. Het is in ieder geval een erg leuke ervaring. Bij Saltum Strand zoeken we weer vaste voet onder onze auto. Dan rijden we nog even naar Blokhus, wandelen nog wat rond, kopen proviand voor de terugreis en dan moet het maar… op naar huis.