Hiken in Lapland

Dag 2 Kebnekaise Fjallstation – Sálkahut 28km

Als ik de volgende ochtend wakker wordt is mijn eerste actie natuurlijk de tent open ritsen en kijken wat voor een weer het is. Er zijn laaghangende wolken en vanuit het oosten zie ik wat dikkere wolken. Geen idee waar dit naar toe gaat. Ik besluit dus vlot te ontbijten en de boel in te pakken voor het geval het toch gaat regenen. Mijn meusli met noten en rozijnen ontbijt is niet echt te eten maar het voedt wel.

Brug over de Tarfalavallei

Dan ga ik weer op pad en na een dik kwartier stappen nader ik de brug over de kloof van de Darfáljohka en splitsing naar de Tarfala kloof. Weer ik kwartier later duiken er overal tentjes op in de bossen en nader ik het Kebnekaise Fjallstation. Het is hier een drukke bedrijvigheid. Zeer irritant is het af- en aanvliegen van helikopter met luie toeristen. Ik ga toch even naar binnen en gooi ik de rugzak af. Ik snuffel wat rond in het winkeltje en maak nog even gebruik van het luxe toilet en dan snel wegwezen hier.

Voorbij het station zijn de bomen ineens verdwenen. Het is hier even opletten, overal lopen er paden en voor je het weet zit je op het pad richting de top van de berg. Je moet hier dus duidelijk de laaggelegen route pakken. Eenmaal op het juiste pad wordt het ook ineens erg stil op de route. Voor mij niemand en achter mij ook niet. Na het oversteken van 2 bruggen kijk ik bij de meditatieplaats nog 1 keer het dal in en dan begint het zeer mooie deel van het traject. De bergen blijven mysterieus in de wolken met hier en daar toch al wat gaten.

Terugblik vanaf de meditatieplaats over de Läddjubahta vallei

Het is heerlijk wandelen en ik geniet met volle teugen van de prachtige natuur en de rust. Indrukwekkende zijn de bergen, de pakken sneeuw op ooghoogte en de rivier. Het rustige weer en mijn stevige wandeltempo zorgen ervoor dat ik gewoon in mijn shirt kan lopen.

Siellajohka

Blik in de Siellajohka vallei

De wandelroute door de vallei

Na 7 kilometer stappen pak ik de eerste rustpauze. Tijd voor een energiereep en drinken maar nu wel even wat warms aantrekken. Water kun je hier gewoon overal pakken. Het liefst uit een snelstromende rivier.

Pauze

Ik sjouw weer verder en kom wat wandelaars tegen maar ik zie niemand die dezelfde kant op gaat als ik. Wel vreemd dat deze tegenliggers allemaal mutsen op hebben en handschoenen aan, een voorbode of zijn het gewoon slenterende watjes? De route volgt gewoon de kloof van de Läddjubahta en na enige tijd kom ik bij meertjes uit. Hier steek toch stiekem een gure wind op. De conditie van het pad is sterk wisselend, dan weer modder, keien of gewoon lekker vlak.

Hier en daar zijn de bruggetjes niet zo betrouwbaar meer.

Tijdens de klim kom ik een stel Nederlanders tegen en net zoals alle andere ontmoetingen onderweg levert dit ook weer een leuke gesprek op. Boven op de pas staat een prachtig steenmannetje en een overweldigend uitzicht over het dal van de rivier de… daar komt, de Tjäktjajåkka Ceakčajohka. Gelukkig komen er net 2 wandelaars aan zodat ik hen een leuke foto van mezelf kan laten maken.

Dan wordt het pad lang, weids en begint langzaam de vermoeidheid parten te spelen. Steeds vaker kijk ik op mijn Garmin of het nog ver is. Bij de shelterhut Kuoperjåkka neem ik nog een pauze en dan is het nog 7 km stevig doorpezen richting de Sálka hut. Oog voor natuur en omgeving verdwijnt en maakt plaats voor de strijd met mezelf. De laatste 3km lijken kort maar duren toch verrekte lang en dan eindelijk is daar de hut.

Opgelucht gooit ik rond 19.30h de rugzak af en scoor een blik sinas en een reep chocola om aan te sterken. Bij de hut kamperen kost me 25 euro maar 100m verderop is het weer gratis. Dus zoek ik daar een mooi plekkie tussen de riviertjes. Vermoeid kook ik mijn potje eten en omdat het begint te regen duik ik er onder.

Mijn campspot bij de Sálka hut